woensdag 28 oktober 2015

Waardoor maken we in ons volwassen leven maar weinig nieuwe vrienden?

Er was een tijd dat mensen gedurende hun levensloop altijd vrienden om zich heen hadden. Dat was zo vanzelfsprekend dat ze elkaar geen vrienden noemden. Het woord vriend lijkt een nog vrij recente uitvinding.

Dat ligt er aan dat het hebben van vrienden al lang niet meer vanzelfsprekend is. In het mooie bericht How our housing choices make adult friendships more difficult vraagt David Roberts daar vandaag aandacht voor.

Geen tijd om het betoog samen te vatten. De kern er van lijkt me dat de sleutel tot het ontstaan (en blijven bestaan) van vriendschappen er in gelegen is dat je elkaar herhaald en spontaan ontmoet. Elkaar tegen het lijf loopt en weer even bij praat. Niet incidenteel, maar regulier, zeg, elke dag of een paar keer per week.

Daarvoor is een setting nodig die bijvoorbeeld nog bestaat als je studeert. En dus is het niet toevallig dat daar veel vriendschappen ontstaan. Maar daarna gaat iedereen zijns weegs en kost het inspanning om die vriendschappen in stand te houden. Die spontane ontmoetingen, die treden nauwelijks meer op. 

Vandaar dat mensen gedurende hun volwassen leven maar weinig nieuwe vrienden maken. En vandaar dat we een maatschappelijk probleem van eenzaamheid kennen. Het woord eenzaamheid lijkt overigens ook nog maar vrij recent tot het spraakgebruik te zijn doorgedrongen.

Want dat iedereen zijns weegs gaat, dat houdt in dat iedereen ergens een domicilie kiest, ergens in een huis een gezin sticht. Waar dat is wordt bepaald door de eisen van werk en loopbaan. En zo ontstaan de sociaal geïsoleerde gezinnen. Die agenda's moeten trekken om ontmoetingen met vrienden al ver van te voren te organiseren. We moeten weer eens afspreken, is een vaak gehoorde mededeling. En te vaak komt het er niet van.

We hebben dus met zijn allen een leefwijze laten ontstaan waarin de herhaalde, spontane ontmoetingen er niet als vanzelf zijn. Daarom die pleidooien op dit blog voor ontmoetingsplekken in de buurt. En de berichten over het sociale belang van buurten.

Maar goed, lees dat mooie stuk van David Roberts!

1 opmerking:

  1. Geen tijd voor een samenvatting, en toch een zinvolle doorverwijzing. Het onderscheid tussen 'tribe' en collectief is hier volgens mij van belang. Het draait om: Nabijheid; herhaalde, ongeplande interacties; en een omgeving waar je je op je gemak voelt vanwege vertrouwen in elkaar. (aldus Rebecca G. Adams) Dat was in de 'tribe' voorhanden - it takes a village to raise a child. Collectieve groepsvorming zorgt daar niet automatisch voor. Informele contacten zijn van belang om aan Rebecca's voorwaarden te voldoen. Wie zeg je gedag in jouw straat, met wie wissel je op kantoor de blikken van verstandhouding; wie geef je een hand. Het begint klein, voordat je je op je gemak voelt. Opnieuw dank voor een verwijzing naar een belangwekkend onderzoek.

    BeantwoordenVerwijderen