zondag 17 juni 2018

Zondagochtendmuziek - J.S. Bach Violin Sonatas and Partitas BWV 1001-1006 Menuhin 1973-1975

Ik hoorde bij Klara een mooie nieuwe uitvoering van de vioolsonates en partita's van Bach. Niet onthouden van wie. Maar hier is er wel een heel fraaie, door Yehudi Menuhin, uit 1973-1975. Menuhin nam ze drie keer op. Dit is de laatste en volgens een van de reacties de meest filosofische.

woensdag 13 juni 2018

Alleen bij hogere werkloosheid voelden Witte Amerikanen zich in gemengde buurten meer bedreigd en stemden ze meer op Trump

Komt het populistisch rechts-extremistisch stemmen meer voort uit het zich (cultureel) bedreigd voelen door minderheden en vreemdelingen of meer uit gevoelens van economische bestaansonzekerheid?

Er zijn aanwijzingen dat dit niet een kwestie is van of-of, maar meer van en-en. Zie het bericht
Populisme verklaard door 'economie" of door "cultuur"? Niet of-of, maar en-en.

Het nieuwe onderzoek The Racial and Economic Context of Trump Support. Evidence for Threat, Identity, and Contact Effects in the 2016 Presidential Election geeft nu een aardig inzicht in de samenhang tussen de twee.

Daaruit komt namelijk naar voren dat Witte, non-Hispanic, Amerikanen bij de verkiezingen van 2016 meer op Trump stemden als ze in een meer etnisch gemengde buurt woonden, een buurt dus met grotere minderheden van Zwarten, Latino's en Aziaten. En dat lag eraan dat ze zichzelf meer een Witte identiteit toekenden.

Je kunt dat zo opvatten dat ze zich meer in hun identiteit bedreigd voelden en dus met een grotere kans op Trump stemden.
Maar dit was minder het geval als ze meer contact hadden met leden van die minderheden. Hoe meer van zulke contacten, hoe geringer de kans op een Trump-stem. Denk aan de contacthypothese.
Maar, en daar gaat het nu om, de onderzoekers keken ook naar de "contextuele variabele" van hoeveel buurtbewoners werkloos waren.

En toen bleek dat het verband tussen die etnische diversiteit en het stemmen op Trump alleen bestond in buurten met een hogere werkloosheid. Bij lage werkloosheid maakte die etnische diversiteit geen verschil meer.

En daarmee zie je de samenhang tussen de twee wel heel duidelijk naar boven komen. Die hogere werkloosheid in de buurt maakt dat mensen zich economisch onzekerder voelen. Zoekend naar een oorzaak voor die grotere onzekerheid valt hun oog in de meer diverse buurten op de aanwezigheid van de minderheden. Waardoor ook hun eigen Witte identiteit voor hen belangrijker werd.

En waardoor ze dus meer ontvankelijk werden voor de racistische retoriek van Presidentskandidaat Donald Trump.

Merk op hoe in deze samenhang de rol van economische bestaansonzekerheid cruciaal is. 

zondag 10 juni 2018

Zondagochtendmuziek - Ry Cooder - The Prodigal Son (Live in studio)

Dit is ook Amerika. Na zes jaar weer een CD van Ry Cooder (1947): The Prodigal Son. Pieter Wijnstekers is er in Heaven juichend over:
een nieuw hoogtepunt in zijn indrukwekkende oeuvre, een plaat die weer eens op alle fronten overtuigt en Ry Cooder opnieuw positioneert als een van de grootste schatbewaarders in de Amerikaanse rootsscene.

donderdag 7 juni 2018

Geen verdringing - Juist meer informele langdurige zorg in landen met uitgebreidere overheidsvoorzieningen voor langdurige zorg

In de discussies over de verzorgingsstaat en de participatiesamenleving kom je vaak de gedachte tegen dat een uitgebreide en ruimhartige verzorgingsstaat mensen ertoe brengt om zelf minder actief te zijn in de onderlinge hulpverlening. Want: als de overheid het al doet, dan kunnen wij achterover leunen.

In de literatuur staat die gedachte bekend als het crowding out - effect: de formele zorg zou de informele zorg verdringen.

Maar er zijn aanwijzingen voor precies het tegenovergestelde, voor crowding in: het verschijnsel dat formele zorg en informele zorg samen op gaan. Hoe meer formele zorg, hoe meer informele zorg. Zie de berichten op dit blog achter het label crowding-in.

Daar is nu een nieuwe aanwijzing bijgekomen. In de studie How to understand informal caregiving patterns in Europe? The role of formal long-term care provisions and family care norms gaat Ellen Verbakel (Radboud Universiteit Nijmegen) voor 19 Europese landen na hoe de uitgebreidheid van de formele langdurige zorg samenhangt met hoe actief burgers zelf zijn in het verlenen van informele langdurige zorg.

Wat die formele zorg betreft, ging het om een index samengesteld uit het aantal bedden beschikbaar voor langdurige zorg per 1000 inwoners van 65 jaar en ouder, het aantal langdurige zorgverleners per 100 mensen van 65 jaar en ouder, de overheidsuitgaven ten behoeve van langdurige zorg als percentage van het BNP en het aandeel van de bevolking dat langdurige zorg ontvangt. Het ging om gegevens van de OECD.

Wat de informele zorg betreft ging het om gegevens verkregen door middel van de European Social Survey (ESS).

Het blijkt dan dat in landen met uitgebreidere overheidsvoorzieningen voor langdurige zorg juist ook meer informele langdurige zorg wordt gegeven. Met dien verstande dat ze binnen het geheel van die langdurige zorg minder actief zijn in de intensievere vormen van langdurige zorg.

Het achterliggende proces zou wel eens kunnen zijn dat landen verschillen in de mate waarin de bevolking van oordeel is dat zorgbehoeftigen de zorg krijgen die ze nodig hebben.

Een grotere zorgzaamheid houdt dan zowel in dat mensen zelf meer bereid zijn om zorg te verlenen als dat ze meer stemmen op politieke partijen die een ruimhartig overheidsbeleid voorstaan op het gebied van de (formele) zorg. En een gevolg van dat proces is dat de overheid meer het verlenen van de intensievere vormen van zorg op zich neemt, die de mogelijkheden van de informele hulpverleners al snel te boven gaan.

Verzorgingsstaat en onderlinge hulpverlening is dus niet een kwestie van of-of, maar van en-en.

dinsdag 5 juni 2018

Door meer ongelijkheid meer stress, angststoornissen en psychische problemen - Nieuw boek van Wilkinson en Pickett

Richard Wilkinson en Pickett zijn na hun in 2009 verschenen  The Spirit Level. Why more equal societies almost always do better doorgegaan met hun onderzoek naar de negatieve gevolgen van grote ongelijkheid. Zie het bericht Gezondheid en sociale omgeving (10): de gezondheidsschade van inkomensongelijkheid voor meer over dat boek.

Nu is er van hen een vervolgboek verschenen: The Inner Level. How More Equal Societies Reduce Stress, Restore Sanity and Improve Everyone’s Wellbeing.

The Guardian interviewt de beide onderzoekers. Zie Is rising inequality responsible for greater stress, anxiety and mental illness?

Gevolgd door een excerpt uit het boek dat ingaat op de gevolgen van het opgroeien in armoede voor de onderwijsprestaties van kinderen. Met een plaatje dat laat zien hoe in het Verenigd Koninkrijk het verschil in prestaties tussen kinderen uit de meest gedepriveerde en de minst gedepriveerde gezinnen na het zevende levensjaar sterk toeneemt.


maandag 4 juni 2018

Loont het om aardig te zijn? In een individualistische cultuur niet

Eerder zagen we dat het, althans in de Verenigde Staten, niet loont om aardig te zijn. Zie Aardige mensen verdienen minder. Uit dat bericht:
Aardig zijn (agreeableness) is een van de vijf dimensies van persoonlijkheid waar je mensen op kunt indelen. Aardig zijn betekent dat je gemakkelijk van vertrouwen bent, eerlijk, pro-sociaal, meegaand, bescheiden en zachtaardig. En het is bekend dat aardige mensen een groot belang hechten aan persoonlijke relaties en meer gemotiveerd zijn om relaties in stand te houden, waardoor ze ook door anderen aardiger gevonden worden. Onaardige mensen hoeven nog geen psychopaat te zijn, maar hebben wel vaker de neiging om zich egoïstisch en agressief op te stellen, vooral in conflictsituaties.
Je zou kunnen zeggen dat we er met zijn allen, als maatschappij, belang bij hebben dat er genoeg aardige mensen bestaan. Wat genoeg is, weten we niet. Maar een maatschappij met heel veel onaardige mensen moet een stuk minder aangenaam zijn om in op te groeien en in te leven dan een maatschappij met veel aardige mensen. En je kunt je voorstellen dat al dat onaardige gedrag ook hoge kosten met zich meebrengt, al was het maar doordat er meer middelen verspild worden aan onnodige conflicten.

Dat zou er voor pleiten om aardige mensen beter te belonen dan onaardige mensen.
Maar uit dat onderzoek in de Verenigde Staten blijkt dus dat zulks daar niet het geval is. Ook als je er rekening mee houdt dat aardige en onaardige mensen verschillende soorten beroepen uitoefenen, met verschillende beloningsniveau's, dan blijft staan dat aardige mensen minder verdienen dan onaardige. (De link naar het onderzoek in dat vorige bericht werkt helaas niet meer. Herstel volgt.)

Nu is er nieuw onderzoek, waarin de Verenigde Staten wordt vergeleken met Japan: Is being agreeable a key to success or failure in the labor market? En daaruit komt naar voren dat voor Japanse mannen geldt dat aardiger zijn juist wel een hoger inkomen oplevert.

Tevens wordt nog eens bevestigd dat het omgekeerde geldt voor de Verenigde Staten, waar aardige mannen minder verdienen.

De onderzoekers brengen het verschil in verband met de de meer individualistische cultuur in de Verenigde Staten en de meer collectivistische cultuur in Japan.

En dat wijst dus op een nadeel van teveel individualisering. De maatschappij wordt er competitiever door en ontmoedigt degenen met een aanleg om aardig te zijn.

zondag 3 juni 2018

Zondagochtendmuziek - Dmitri Shostakovich. Piano Sonata No 2 in B-minor, Op.61. Daria Kovaleva...

Vandaag ben ik 75 geworden. Geboren midden in de Tweede Wereldoorlog. Ik keek wat rond op de Wikepedia-site 1943 in music en zag dat op 6 juni van dat jaar Dimitri Shostakovich in Moskou zijn Pianosonata nr. 2 opus 61 in première bracht. Hij was toen net in Moskou aangekomen vanuit Samara, waar hij verbleef na evacuatie uit het belegerde Leningrad en waar hij deze sonate componeerde.

Het is een minder bekend werk van Shostakovich. Gerard McBurney schrijft erover:
Given the success of his other major piano pieces like the 24 Preludes op.34 and the 24 Preludes and Fugues op.87, it is curious that this Second Sonata has not been taken up by many pianists in our time. Partly this is because, although this music is difficult to play, it is almost entirely undemonstrative, lacking in the more obviously colourful and virtuosic elements that a performer knows will make an impression on an audience. Instead, for much of its three movements it is like a study in greys, internalised, meditative and almost inscrutable. Nonetheless one or two great 20th century players have taken it up, including Maria Yudina and Emil Gilels, and in their performances the piece emerges as impressively deep and thoughtful. This is aristocratic music that contains its meaning within itself and invites the listener to the inside of the musical argument rather than to the surface rhetoric or sound effects.
Verstilde en diepzinnige muziek. Hier uitgevoerd door Daria Kovaleva.