maandag 22 januari 2018

Pesten een weeffoutje in de menselijke natuur? Nee, een aanpassing aan een omgeving waarin statuscompetitie overheerst

Aleid Truijens bespreekt in de Volkskrant het onderzoek naar pesten onder scholieren van Loes Pouwels, waar het in het vorige bericht over ging. Zie Lees het pestonderzoek en kijk naar groepen pubers als naar een roedel dieren.

Aan de hand van deze ene zin aan het eind:
Het is een weeffoutje in de menselijke natuur: in de smaak willen vallen bij de top
valt fraai de veel voorkomende en foute denkgewoonte te illustreren om een bepaald gedrag toe te schrijven aan "de menselijke natuur".

De fout bestaat eruit dat de rol van de omgeving over het hoofd wordt gezien.

Want het is zeker zo dat de neiging tot statuscompetitie en tot het zich bewegen in een statushiërarchie behoren tot het menselijke gedragsrepertoire.

Maar de onderdelen van dat repertoire worden uitgelokt in een sociale omgeving waarin statuscompetitie en statushiërarchie overheersen. We worden dan getriggered om voor onszelf op te komen. Om met anderen te concurreren om een hogere positie in de hiërarchie te bereiken. Of om in ieder geval niet onderaan te belanden. Niets ergers dan een loser te zijn.

We zijn dan onvermijdelijk elkaars tegenstander. Dus proberen we om elkaar de loef af te steken. Pesten is een manier om hogerop te komen of om je positie te verstevigen. Dat blijkt dus ook uit dat onderzoek van Loes Pouwels. En zie ook Pesten is een vorm van statuscompetitie - Nieuwe aanwijzingen voor eerder onderzoek.

Maar de menselijke sociale natuur is natuurlijk complexer dan dat. Want we kunnen ons ook heel anders gedragen. In een vertrouwde sociale omgeving, waarin we signalen krijgen van veiligheid en elkaar bijstaan, worden we als vanzelf getriggered tot het daarbij behorende gedrag. Dan hebben we het over pro-sociaal gedrag of ook wel gemeenschapsgedrag. Anderen zijn dan geen tegenstanders, maar medestanders. Zie Wat is eigenlijk pro-sociaal gedrag?

Kortom, de menselijke sociale natuur kent twee gedragspatronen die gemakkelijk worden uitgelokt, maar dan elk in de sociale omgeving die daarvoor geschikt is. Zie de berichten op dit blog achter het label Dual Mode-theorie.

Dat betekent natuurlijk dat je voor de verklaring van gedrag en voor de beïnvloeding van gedrag niet alleen moet kijken naar wat tot onze natuur behoort, maar vooral ook naar de sociale omgeving.

En voor het pesten op scholen betekent het dat je vooral ook moet kijken naar de sociale omgeving waarin onze scholieren zich moeten zien te handhaven en waarin ze zo goed mogelijk moeten proberen om een prettige schooltijd te hebben. Want we weten dat die sociale omgeving van leeftijdsgenoten bij uitstek statuscompetitie uitlokt.

En we weten dat als je die sociale omgeving anders vormgeeft, met leeftijdsgemengde groepen. zoals op Jenaplanscholen, dat dan inderdaad het pesten met de helft wordt teruggedrongen. Zie Pesten moet je niet door leraren laten oplossen. Doe aan leeftijdsmenging. Het is een omgeving waarin oudere kinderen als vanzelf de jongere in bescherming nemen en waarin de jongeren aan dat gedrag een voorbeeld nemen.

Die menselijke sociale natuur, die kan dus tot heel verschillend gedrag leiden, afhankelijk van de aard van de omgeving waarin mensen terecht komen. Of de aard van de omgeving die we voor adolescenten hebben geconstrueerd.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten