woensdag 20 mei 2026

Een lange weg naar een sociaalwetenschappelijk zicht op mensen en samenleving -37 - Een fase die kennelijk noodzakelijk was

Halverwege de zeventiende eeuw bestudeerde Thomas Hobbes de maatschappij als een geval van menselijke groepsvorming. Hier het vorige bericht. Op een wijze dus die zo voor de hand lag dat hij niet speciaal hoefde te worden gerechtvaardigd. We hebben inzicht in hoe mensen in elkaar zitten, in tot welk gedrag ze tegenover elkaar in staat zijn. Daaruit kunnen we opmaken dat er een sociaal inferieure collectieve uitkomst van dat gedrag mogelijk is, waarin "wanorde en burgeroorlog" heersen. Maar diezelfde menselijke sociale natuur maakt het ook mogelijk de sociaal superieure toestand van vrede, samenwerking en welvaart tot stand te brengen. Hobbes analyseerde hoe die toestand kan worden bereikt. Hij bestudeerde de maatschappij als mensenwerk en stelde zich tot taak dat werk te verbeteren.

Dat had een veelbelovend begin kunnen zijn van de ontwikkeling van een succesvolle sociale wetenschap. Maar die ontwikkeling begon in de negentiende eeuw te haperen, toen er in Frankrijk dat vak sociologie ontstond en zich van daaruit in de universiteiten vestigde. Dat vak dat leed aan het mankement van een curieuze wetenschappelijkheidsopvatting en aan het mankement van de fictie van het eigen domein. Het vak waarin ik werd gesocialiseerd toen ik in 1965 mijn studie sociologie begon. En waarvan ik in 1981 afstand had genomen, toen ik in mijn proefschrift pleitte voor de "compositieve methode".

Daarin verwees ik ook (p. 163) naar het werk van Thomas Hobbes en de Schotse moraalfilosofen. Hobbes' aanpak was precies die van de compositieve methode, van het laten zien hoe een maatschappelijke toestand voortkomt uit, een samenstelling is van, het gedrag van mensen. Dat Hobbes die aanpak niet als een bijzondere methode zag en er geen naam aan gaf, wijst erop dat hij als als voor de hand liggend beschouwde om zo te werk te gaan. Dat was zo vanzelfsprekend dat je er geen aandacht aan hoefde te besteden. Denk ook terug aan George Homans, die in 1964 zijn pleidooi om de mens terug te brengen in de sociologie besloot met:

Finally, I must acknowledge freely that everything I have said seems to me obvious. But why cannot we take the obvious seriously?  

Er had een vak sociologie ingang gevonden dat de overtuiging uitdroeg dat het voor de hand liggende diende te worden genegeerd.

Waar kwam die term compositieve methode eigenlijk vandaan?  Het is opmerkelijk dat de bron er van niet in het vak sociologie ligt, ondanks George Homans. En  ondanks James Coleman. Bij beide kom je wel de term "methodologisch individualisme" tegen, bij Homans op p. 61 van The Nature of Social Science uit 1967 en bij Coleman op p. 5 van zijn Foundations of Social Theory uit 1990. Daarmee wordt er op gedoeld dat verklaringen voor maatschappelijke verschijnselen worden gezocht in het gedrag van individuen en dat zulks niet betekent dat de maatschappij uitsluitend uit individuen zou bestaan. En niet ook uit maatschappelijke entiteiten als verenigingen, instituties en structurele veranderingen. Vandaar: methodologisch, en niet: ontologisch. Zowel Homans als Coleman verwijzen naar Karl Poppers beschouwing in deel 2 van The Open Society and Its Enemies, waar hij op p. 91 John Stuart Mill aanhaalt:

Thus 'all phenomena of society are phenomena of human nature', as Mill said; and 'the Laws of the phenomena of society are, and can be, nothing but the laws of the actions and passions of human beings', that is to say, 'the laws of individual human nature. Men are not, when brought together, converted into another kind of substance ..' 

Die verwarring tussen het verklaren van het een uit het ander en de bewering dat het een bestaat en het ander niet (of wel), tussen "methodologie" en "ontologie", kom je niet tegen bij de bron van de term compositieve methode. Die bron was voor mij in 1981 F.A. von Hayek, die hem in 1952 introduceerde op p. 67 van zijn The Counter-Revolution of Science. Studies on the Abuse of Reason:

While the method of the natural sciences is in this sense, analytic, the method of the social sciences is better described as compositive or synthetic

Ik was destijds een bewonderaar van Hayek en las met instemming veel van zijn boeken, zelfs ook The Road to Serfdom. Maar hij was ook de organisator van de Mont Pelerin Society, waarin rechtse economen en filosofen zich verenigden en die een invloedrijke rol speelde in de opkomst van het vermaledijde neoliberalisme in de jaren zeventig, waar we nu nog steeds onder lijden. Ik kijk er nu op terug als een fase in mijn ontwikkeling die kennelijk noodzakelijk was. Daarover later meer.  

Een en ander neemt niet weg dat veel van Hayeks werk nog altijd interessant en belangrijk is. Van alle boeken van hem die in mijn kast hebben gestaan, is alleen nog The Counter-Revolution of Science over. En dat is boeiend genoeg om er in het volgende bericht op terug te komen.