Ik luisterde een paar dagen geleden met een half oor naar Podium op Radio 4, toen Hans Haffmans in de rubriek Gouwe Ouwe Clifford Curzon (1907-1982) Schubert liet spelen..
O ja, dacht ik, ik moet weer eens naar Clifford Curzon luisteren. Ik zette mijn koptelefoon op en liet de Impromptus en de Moments Musicaux voorbijkomen. En wist toen weer meteen dat je Schubert niet mooier kunt spelen dan Curzon doet.
En ik vroeg me af of er eigenlijk ook beeldmateriaal van hem is. En ja, natuurlijk is dat er. Hier speelt hij de laatste pianosonate (D960) van Schubert. Mooier en indringender dan die toch ook geweldige uitvoeringen door Paul Lewis en Alfred Brendel.
Over een nieuw sociaalwetenschappelijk zicht op mens en maatschappij. En over de lange weg daarnaartoe.
zondag 8 oktober 2017
woensdag 4 oktober 2017
Over Las Vegas. En over hoe de Republikeinen een eind maakten aan het onderzoek naar de effecten van wapenwetgeving
Update. Over het idiote wettelijk verbod dat in de V.S. bestaat op het financieren van onderzoek naar het verband tussen wapenbezit en geweld, w.o zelfmoorden, schrijft nu ook de redactie van The Lancet. Zie Gun deaths and the gun control debate in the USA. De laatste alinea:
The legal restriction on funding gun violence research is one of the most objectionable aspects of the already entirely objectionable gun control debate in the USA. In the wake of Las Vegas, policy makers and gun control advocates should be looking strongly at rescinding the abhorrent and nonsensical legal restrictions that keep the USA ignorant of the true toll of its gun violence.Nu we weer zijn geconfronteerd met een massale schietpartij (mass shooting), nu in Las Vegas, waar de 64-jarige Stephen Paddock vanuit een hotelsuite erop los schoot in het publiek van een openluchtconcert, dringt zich opnieuw de vraag op wat de sociale wetenschappen te bieden hebben om dit gruwelijke gedrag te verklaren.
Eerder stond ik stil bij wat we menen te weten over de meer algemeen-maatschappelijke achtergronden van massale schietpartijen. Zie
- Massale schietpartijen zijn besmettelijk - en over waar dat op wijst,
- Bij meer bestaansonzekerheid meer schietpartijen op scholen in de V.S.
- Kanaries in een kolenmijn. Waar staat de toename van massale schietpartijen voor? - Peter Turchin
In ongeveer dezelfde lijn is er nu naar aanleiding van Las Vegas de bijdrage van Raj Persaud en Adrian Furnham: Inside the Mind of the Mass Shooter.
Maar een belangrijk deel van de verklaring heeft natuurlijk ook te maken met de beschikbaarheid van wapens. De Verenigde Staten neemt wat dat wapenbezit betreft een unieke en treurige positie in. (Ook al was er in 2013 het bericht dat het wapenbezit leek af te nemen.)
Dat juist in de V.S. massale schietpartijen zo veel voorkomen, zal er mee samenhangen dat wapens zo gemakkelijk te krijgen zijn. Als je landen vergelijkt, dan dringt zich de samenhang tussen wapenbezit en moord- en doodslag met gebruikmaking van een wapen wel heel erg op. Werp maar even een blik op U.S. Gun Policy: Global Comparisons van Jonathan Masters.
En bedenk dat in Australië na invoering van strengere regels voor wapenbezit, met de mogelijkheid om wapens in te leveren (waardoor meer dan een miljoen wapens konden worden vernietigd), het aantal wapengerelateerde moorden met meer dan de helft daalde. En nee, de andersoortige geweldsmisdrijven namen niet toe, maar juist ook af. Zie Too Soon For Gun Control, Trump? As Australians, Our Experience Begs to Differ.
Ik was op zoek naar empirisch onderzoek naar de effecten van wapenwetgeving en kwam eigenlijk alleen bij studies terecht uit begin jaren 90 van de vorige eeuw of nog ouder.
En ik wist niet wat ik daar van moest denken. Tot ik even later dit bericht uit de Washington Post van vandaag voorbij zag komen: Why gun violence research has been shut down for 20 years.
Onderzoek naar de effecten van strengere wapenwetten is in de V.S. rond 1996 tot stilstand gekomen. In dat jaar dreigde het door de Republikeinen gedomineerde Congres, onder druk van de National Rifle Association, de financiering van de Centers for Disease Control and Prevention te beëindigen als ze door zouden gaan met onderzoek naar de effecten van wapencontrole. Tegelijkertijd stopte het Ministerie van Justitie met de financiering van zulk onderzoek. De geldkranen werden afgeknepen.
De Republikeinen hebben niet zoveel met wetenschappelijk onderzoek. Klimaatverandering? Willen we liever niets over weten. Gunstige economische effecten van immigratie? Oren dicht.
dinsdag 3 oktober 2017
Ongelijkheid, bestedingscascades, schulden, de Grote Crisis en verstandige linkse regeringen
Inkomensongelijkheid wakkert de vraag naar positionele goederen aan. Met de aanschaf van een positioneel goed (of statusgoed) laat je zien welke positie je inneemt in de statushiërarchie. Dat betekent dat statusgoederen schaars zijn en voor de meesten te duur.
De rijkaards aan de top kunnen zich een duur huis op een dure locatie veroorloven. Voor de iets minder rijken wordt daardoor een duur huis op een dure locatie aantrekkelijk om ook aan te schaffen. Ze zullen daar iets minder goed in slagen, maar lokken daardoor wel hetzelfde gedrag uit bij de nog iets minder rijken. En zo gaat dat door tot in de lagere regionen van de inkomenspiramide.
Zulke "bestedingscascades" vormen een mechanisme dat uitlokt tot geld lenen. Zoals in de vorm van hypotheken, studieleningen en consumptief krediet. De banken en andere kredietverschaffers komen daar natuurlijk graag aan tegemoet. Sterker, ze worden erdoor geprikkeld om bij de politiek deregulering van hun sector te bepleiten. Zodat ze meer hun gang kunnen gaan.
Daarmee kom je dus op de gedachte dat de toename van inkomensongelijkheid heeft bijgedragen tot de toename van de private schulden en uiteindelijk tot de kwetsbaarheid van het financiële systeem en het uitbreken van de Grote Financiële Crisis van 2008-2010.
Dat fenomeen van ongelijkheid die uitlokt tot een "positionele competitie" (of statuscompetitie door middel van consumptie) is al langer geleden beschreven door Fred Hirsch (Social Limits to Growth, 1977) en door Robert Frank (Choosing the Right Pond: Human Behavior and the Quest forStatus, 1985).
Het verbaast niet dat hun werk opnieuw in de belangstelling komt te staan. Zo is er nu de studie Taking Credit: Redistribution and Borrowing in an Age of Economic Polarization van John S. Ahlquist en Ben W. Ansell.
Zij analyseren de data van 18 OECD-landen over de periode 1980-2010. En komen na veel rekenwerk tot een duidelijke conclusie. Het samengaan van toegenomen inkomensongelijkheid en het optreden van de Grote Crisis was geen toeval. En de tussenliggende factor was de door die ongelijkheid uitgelokte toename van private schulden.
Maar wat vinden ze ook? Dat geldt niet voor alle landen in gelijke mate. Landen waarin gedurende langere perioden linkse partijen in de regering zaten, bleken in staat om door herverdelingsbeleid (via belastingen en andere regelingen) dit noodlottige mechanisme te voorkomen. In hun woorden:
De rijkaards aan de top kunnen zich een duur huis op een dure locatie veroorloven. Voor de iets minder rijken wordt daardoor een duur huis op een dure locatie aantrekkelijk om ook aan te schaffen. Ze zullen daar iets minder goed in slagen, maar lokken daardoor wel hetzelfde gedrag uit bij de nog iets minder rijken. En zo gaat dat door tot in de lagere regionen van de inkomenspiramide.
Zulke "bestedingscascades" vormen een mechanisme dat uitlokt tot geld lenen. Zoals in de vorm van hypotheken, studieleningen en consumptief krediet. De banken en andere kredietverschaffers komen daar natuurlijk graag aan tegemoet. Sterker, ze worden erdoor geprikkeld om bij de politiek deregulering van hun sector te bepleiten. Zodat ze meer hun gang kunnen gaan.
Daarmee kom je dus op de gedachte dat de toename van inkomensongelijkheid heeft bijgedragen tot de toename van de private schulden en uiteindelijk tot de kwetsbaarheid van het financiële systeem en het uitbreken van de Grote Financiële Crisis van 2008-2010.
Dat fenomeen van ongelijkheid die uitlokt tot een "positionele competitie" (of statuscompetitie door middel van consumptie) is al langer geleden beschreven door Fred Hirsch (Social Limits to Growth, 1977) en door Robert Frank (Choosing the Right Pond: Human Behavior and the Quest forStatus, 1985).
Het verbaast niet dat hun werk opnieuw in de belangstelling komt te staan. Zo is er nu de studie Taking Credit: Redistribution and Borrowing in an Age of Economic Polarization van John S. Ahlquist en Ben W. Ansell.
Zij analyseren de data van 18 OECD-landen over de periode 1980-2010. En komen na veel rekenwerk tot een duidelijke conclusie. Het samengaan van toegenomen inkomensongelijkheid en het optreden van de Grote Crisis was geen toeval. En de tussenliggende factor was de door die ongelijkheid uitgelokte toename van private schulden.
Maar wat vinden ze ook? Dat geldt niet voor alle landen in gelijke mate. Landen waarin gedurende langere perioden linkse partijen in de regering zaten, bleken in staat om door herverdelingsbeleid (via belastingen en andere regelingen) dit noodlottige mechanisme te voorkomen. In hun woorden:
rising income inequality and the global financial crisis were perhaps the two biggest economic stories of the first decade of the twenty-first century. We argue that their joint emergence was not a coincidence, but neither was it inevitable. In fact, greater levels of borrowing appear closely related to changes in income inequality, but only in those countries where left-wing government is less frequent. We interpret this finding as reflecting long-run, systematic, and partisan differences in redistributive efforts. Redistribution, in turn, dampens the positional consumption incentives produced by stagnant real wages at the middle and bottom of the income distribution, and by rising incomes at the top. Thus, in countries with histories of left-wing government and substantial redistribution, rising inequality failed to produce an associated surge in borrowing. In countries where both left-wing government and redistribution were less prevalent, inequality and credit rose together.Dat linkse beleid van herverdeling was dus buitengewoon verstandig. Merkwaardig toch dat mensen na de Grote Crisis zo massaal op rechtse partijen zijn gaan stemmen.
maandag 2 oktober 2017
Heeft de, politiek gemotiveerde, toename van bestaansonzekerheid de tegenstellingen aangewakkerd?
Donderdag a.s. geef ik onder de titel Heeft de, politiek gemotiveerde, toename van bestaansonzekerheid de tegenstellingen aangewakkerd? een presentatie op het Jaarcongres van het Trendbureau Overijssel in Deventer.
Zie hier het programma, de locatie en mogelijkheid tot aanmelden: JAARCONGRES 2017.
En bekijk hier de powerpoint.
Samenvatting
Update. Hoofdstuk 3 in: Hans Peter Benschop (red.), Nieuwe tegenstellingen. Wat doen we ermee? Den Haag: Boom bestuurskunde.
Zie hier het programma, de locatie en mogelijkheid tot aanmelden: JAARCONGRES 2017.
En bekijk hier de powerpoint.
Samenvatting
Terwijl een gevoel van bestaanszekerheid een fundamentele behoefte is, is de bestaansonzekerheid de laatste decennia toegenomen. Er zijn aanwijzingen voor de negatieve gevolgen daarvan, zowel op het persoonlijke vlak als op het vlak van de maatschappelijke verhoudingen. De oorzaken van deze ontwikkeling zijn voor een flink deel toe te schrijven aan in het verleden gemaakte politieke keuzes. Dat wijst op de wenselijkheid van een politieke herbezinning.De presentatie is een uitwerking van en vervolg op het Essay De lokale verzorgingsstaat: bestaanszekerheid in het geding, dat als hoofdstuk is opgenomen in het boek dat donderdag gepresenteerd wordt.
Update. Hoofdstuk 3 in: Hans Peter Benschop (red.), Nieuwe tegenstellingen. Wat doen we ermee? Den Haag: Boom bestuurskunde.
zondag 1 oktober 2017
Zondagochtendmuziek - - Torino - Barbara Hannigan soprano-direttore
De sopraan-dirigent Barbara Hannigan reist de wereld rond en maakt furore. Der Spiegel is juichend over haar optreden eergisteren in Hamburg, in de première van La nuova Euridice secondo Rilke van de Italiaanse componist Salvatore Scirarrino: Happy Birthday mit Hannigan. Zie hier haar overvolle agenda voor dit seizoen.
In 2014 was ik onder de indruk van haar optreden in de Zaterdagmatinee in het Concertgebouw:
Muziek voor de zondagochtend - Barbara Hannigan & GSO - Three Mozart Arias.
In 2014 was ik onder de indruk van haar optreden in de Zaterdagmatinee in het Concertgebouw:
Muziek voor de zondagochtend - Barbara Hannigan & GSO - Three Mozart Arias.
Die combinatie van zingen en dirigeren is verrassend en voor zover ik weet niet eerder geprobeerd. Maar als je het een keer meemaakt, dan ben je meteen overtuigd.
Althans, dat was ik. Dit filmpje is gewijd aan een optreden in Turijn in 2016. Een van de zure reacties is: "Disgusting". En een ander is van oordeel dat het niet mogelijk is om twee dingen tegelijk goed te doen.
Oordeel zelf.
vrijdag 29 september 2017
Sekte-achtig beleid in de eurozone door een democratische tekort
Hoe het met de euro verder zal gaan, na de Franse en de Duitse verkiezingen, wie zal het zeggen?
Maar terugkijkend op de geschiedenis ervan tot nu toe, blijft het verbazen hoe de politieke leiders zo volhard hebben en volharden in een beleid dat de economische handboeken negeert en dat doordrenkt is van de ideologie van neo- en ordo-liberalisme. Die volharding kan je op de gedachte brengen dat de euro door een soort sekte geregeerd wordt. Zie nog eens, uit 2015 al weer, Als je door een sekte geregeerd wordt, dan loopt dat niet goed af (met vier links).
Nu vragen Matthias Matthijs en Mark Blyth zich eveneens af hoe het kan dat een groep politici zo lang blijft volharden in een fout, irrationeel, beleid. Zie When Is It Rational to Learn the Wrong Lessons? Technocratic Authority, Social Learning, and Euro Fragility.
Ze geven een fraaie beschrijving en analyse van de geschiedenis van het eurozonebeleid en komen tot de conclusie dat de institutionele opzet van de euro, in het bijzonder het bestaan van een bovennationaal, slecht democratisch onderbouwd, beleidsveld, dat sekte-achtige (mijn woord) en irrationele beleid bevorderde.
Want wat is het geval? Al die politici in die bovennationale organen ontberen een rechtstreekse band met kiezers tegenover wie ze zich dienen te verantwoorden. Waar moeten ze zich dan door laten leiden? Wat geeft hen houvast?
Welnu, dat zijn de afgesproken regels. De afspraken die zijn gemaakt en de pacten die zijn gesloten. Er kan geen plaats zijn voor bovengeordende overwegingen die ertoe aanzetten om die regels te veranderen. Daardoor komt een irrationeel proces in gang, waarin de regels voorrang krijgen boven de uiteindelijke doelen.
Een omgeving waarin de juristen van het Duitse ministerie van Financiën, met Schäuble voorop, zich thuis voelden als een vis in het water. En een omgeving die wel moest leiden tot een botsing met de macro-econoom en kortstondige Griekse minister van Financiën, Yanis Varoufakis, die zich als enige wel oriënteerde op die uiteindelijke doelen. Lees Adults in the Room. My Battle With Europe's Deep Establishment voor een enerverend verslag van die clash.
Het is een fraaie analyse die Matthijs en Blyth geven. Een democratisch tekort als voorwaarde voor sekte-achtig volharden in slecht economisch beleid. Een analyse die verplichte kost zou behoren te zijn in de Brusselse en Frankfurtse burelen. Ik citeer tot slot drie alinea's uit hun conclusies:
Our answer is that non-sovereigns with sovereign responsibilities, but without sovereign capacities, must rule by appeal to authority. In the case of the EU governors, that authority is drawn from adherence to a set of ideas and institutional rules that, while irrational for the crisis environment in which they are employed, are the only ones such actors can draw upon to maintain their authority when under pressure since they have no democratic mandate to actually change policy.
While the overall policy response to the euro crisis was very much driven by the Eurozone member-state leaders, particularly by German chancellor Angela Merkel and her Finance Minister Wolfgang Schäuble, such that technocrats in both the Commission and the ECB took their cues from their “paymasters” in Berlin, that does not detract from the fact that those technocrats derived their legitimacy and authority from following and implementing the rules they were instructed to follow—whether they truly believed in those rules or not. Lacking democratic legitimacy themselves, they had very little choice in not doing so. In contrast, among national leaders, the appeal to such rules allowed them to expand their claims to authority beyond their electorate, into the institutions of supranational governance. Without appeal to such ideas, their authority, like their capacity, would stop at the border.
Seen in this way, “doubling down” on bad policy, as the EU has repeatedly done since 2010, is neither irrational nor purely ideological. Instead, as Keynes said about the adherence to deflation in the 1930s, it is locally rational but globally irrational. And as long as authority is produced and contested via appeal to these ordo- and neo-liberal ideas, and through reconstructed readings of past events, a rather unbalanced and ineffective macroeconomic policy mix will be the result. Just how long Europe can stand this policy mix remains an open question. But what our analysis suggests is that so long as the answer is framed in ordoliberal terms, those in authority will not be compelled to give an alternative answer.
dinsdag 26 september 2017
Is de paniek over de extra miljarden voor de langdurige ouderenzorg wel gerechtvaardigd?
In de politiek en de media is er paniek ontstaan over de extra miljarden die naar de langdurige ouderenzorg moeten. Zie Frank Hendrickx daarover in De Volkskrant: Miljarden voor ouderenzorg. Het perfecte politieke misdrijf.
De paniek berust erop dat de politici, misschien met uitzondering van de Staatssecretaris van Volksgezondheid Martin van Rijn, zulke hoge bedragen niet hadden zien aankomen.
Want wat is het geval? Al in 2013 heeft de volksvertegenwoordiging geoordeeld dat de vereiste kwaliteit van de langdurige ouderenzorg door het van de politiek onafhankelijke Zorginstituut dient te worden vastgesteld. Dat is wettelijk vastgelegd in een wijziging van de Wet Cliëntenrechten Zorg.
Welnu, het Zorginstituut heeft zijn werk gedaan, het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg opgesteld en opgenomen in het Register van het Zorginstituut, waarmee de wettelijke basis is verzekerd. Waarna de Nederlandse Zorgautoriteit, en daarna nog eens het CPB, zijn gaan berekenen wat de kosten zullen zijn van het verhogen van de kwaliteit van de zorg tot het vereiste wettelijke niveau.
En toen kwam de paniek, want "men" schrikt van de hoogte van dat bedrag. Als Van Rijn inderdaad wist wat hij deed, dan is dat volgens Hendrickx "het perfecte politieke misdrijf".
Maar er zijn goede redenen om hier heel anders naar te kijken. Misschien zou de paniek veel meer moeten gaan over hoe belabberd die langdurige ouderenzorg tot nu toe kennelijk geweest is. Die vele miljarden die nu nodig zijn, die hadden al veel eerder op de begroting behoren te staan. Dat onze langdurige ouderenzorg al die tijd ver beneden de maat van veiligheid en waardigheid is gebleven, komt nu kennelijk "officieel" aan het licht.
Opvallend dat ik van die paniek in de politiek en de media niets merk.
De paniek berust erop dat de politici, misschien met uitzondering van de Staatssecretaris van Volksgezondheid Martin van Rijn, zulke hoge bedragen niet hadden zien aankomen.
Want wat is het geval? Al in 2013 heeft de volksvertegenwoordiging geoordeeld dat de vereiste kwaliteit van de langdurige ouderenzorg door het van de politiek onafhankelijke Zorginstituut dient te worden vastgesteld. Dat is wettelijk vastgelegd in een wijziging van de Wet Cliëntenrechten Zorg.
Welnu, het Zorginstituut heeft zijn werk gedaan, het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg opgesteld en opgenomen in het Register van het Zorginstituut, waarmee de wettelijke basis is verzekerd. Waarna de Nederlandse Zorgautoriteit, en daarna nog eens het CPB, zijn gaan berekenen wat de kosten zullen zijn van het verhogen van de kwaliteit van de zorg tot het vereiste wettelijke niveau.
En toen kwam de paniek, want "men" schrikt van de hoogte van dat bedrag. Als Van Rijn inderdaad wist wat hij deed, dan is dat volgens Hendrickx "het perfecte politieke misdrijf".
Maar er zijn goede redenen om hier heel anders naar te kijken. Misschien zou de paniek veel meer moeten gaan over hoe belabberd die langdurige ouderenzorg tot nu toe kennelijk geweest is. Die vele miljarden die nu nodig zijn, die hadden al veel eerder op de begroting behoren te staan. Dat onze langdurige ouderenzorg al die tijd ver beneden de maat van veiligheid en waardigheid is gebleven, komt nu kennelijk "officieel" aan het licht.
Opvallend dat ik van die paniek in de politiek en de media niets merk.
maandag 25 september 2017
Grootouderschapsverlof maakt samenleving kindvriendelijker en is goed voor kinderen
In het Belgische parlement is vorige week een wetsvoorstel ingediend om een grootouderschapsverlof in te voeren voor werkende grootouders. Zie Krijgen werkende opa's en oma's in België straks grootouderverlof?
Dat is om allerlei redenen een goed initiatief. Door demografische ontwikkelingen zijn grootouders gemiddeld jonger geworden. En leven ze langer. Waardoor ze meer beschikbaar zouden kunnen zijn om te helpen bij het grootbrengen van de kleinkinderen.
Die hulp blijkt heel belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Gezinnen zijn behoorlijk sociaal geïsoleerd geraakt, waardoor elke hulp die er nog wel kan zijn, belangrijk is. Het blijkt dat jonge stellen eerder (nog) een kind "nemen" als grootouderhulp aanwezig is. En het blijkt dat die hulp goed is voor hoe kinderen zich sociaal ontwikkelen. Kijk eens naar de eerdere berichten op dit blog over het belang van grootouders.
Dat is om allerlei redenen een goed initiatief. Door demografische ontwikkelingen zijn grootouders gemiddeld jonger geworden. En leven ze langer. Waardoor ze meer beschikbaar zouden kunnen zijn om te helpen bij het grootbrengen van de kleinkinderen.
Die hulp blijkt heel belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Gezinnen zijn behoorlijk sociaal geïsoleerd geraakt, waardoor elke hulp die er nog wel kan zijn, belangrijk is. Het blijkt dat jonge stellen eerder (nog) een kind "nemen" als grootouderhulp aanwezig is. En het blijkt dat die hulp goed is voor hoe kinderen zich sociaal ontwikkelen. Kijk eens naar de eerdere berichten op dit blog over het belang van grootouders.
zondag 24 september 2017
Zondagochtendmuziek - Monteverdi - Vox Luminis en Capriccio Stravagante - Festival Oude Muziek...
Net terug uit Italië, waar we in Turijn, Bergamo en Brescia ronddwaalden. Maar natuurlijk ook een paar dagen naar Venetië. En daar waren de gedachten ook weer even bij Claudio Monteverdi, die daar van 1613 tot zijn dood in 1643 als kapelmeester van de San Marco werkte.
Speciaal voor de uitvoering in de San Marco componeerde hij het Selva morale e spirituale. Hier in een wel heel mooie uitvoering door Vox Luminis o.l.v. Lionel Meunier en het Capriccio Stravagante Renaissance Orchestra o.l.v. Skip Sempé, tijdens het Festival Oude Muziek 2016 in Utrecht. Doe je ogen dicht en verplaats je in gedachten naar Venetië en naar de San Marco.
Speciaal voor de uitvoering in de San Marco componeerde hij het Selva morale e spirituale. Hier in een wel heel mooie uitvoering door Vox Luminis o.l.v. Lionel Meunier en het Capriccio Stravagante Renaissance Orchestra o.l.v. Skip Sempé, tijdens het Festival Oude Muziek 2016 in Utrecht. Doe je ogen dicht en verplaats je in gedachten naar Venetië en naar de San Marco.
vrijdag 22 september 2017
Over de schaamte en het liegen van rechts-extremisten
In ons denken en onze emoties over het publieke domein zijn we ambivalent tussen onze morele intuïties van het gemeenschapsgedrag en van het statushiërarchiegedrag.
Het linkse politieke denken sluit meer aan bij de gemeenschapsintuïties en het rechtse politieke denken meer bij de intuïties van de statuscompetitie en de statushiërarchie. Zie voor meer over dit onderscheid hier Jonathan Haidt (Morele intuïties in het persoonlijke en onpersoonlijke domein) en hier George Lakoff (George Lakoff over morele intuïties in de politiek en over Trump. En over de Dual-Mode theorie).
Die ambivalentie houdt in dat we individueel en met zijn allen vrij gemakkelijk heen en weer schuiven tussen een meer linkse of een meer rechtse positie in het politieke spectrum. Want over het publieke domein zijn we altijd veel slechter geïnformeerd dan over het persoonlijke domein, het domein van de contacten met familie en vrienden.
Daardoor kunnen kleine veranderingen in de informatie die we toegediend krijgen, grote veranderingen in ons denken tot gevolg hebben. Nog afgezien van het fake-nieuws waaraan we bloot kunnen staan. Bovendien maakt onzekerheid ons sterk sociaal beïnvloedbaar. Als we het niet zo goed weten, laten we ons meer leiden door informatie over wat anderen denken en doen.
Zo kan het gebeuren dat je in een tijd leefde waarin iedereen zich afvroeg: "Ben ik wel links genoeg?" Maar ook kun je een tijd meemaken, zoals nu, dat iedereen zich zorgen maakt of hij wel rechts genoeg is.
Die verschuiving naar rechts en zelfs naar rechts-extremisme speelt zich zowel in Europa als in de Verenigde Staten af. En is in de Verenigde Staten sterk verbonden met wat er nu al decennia met de Republikeinse partij aan de hand is.
Die Grand Old Party (GOP) heeft zich uit het politieke midden verwijderd, is steeds extremere rechtse posities gaan innemen en is nu, met Donald Trump als president, aan de macht.
Die ruk naar rechts van wat ooit een middenpartij was, werd al in 2004 gedetailleerd beschreven door Charles Tiefer in Veering Right. How the Bush Administration Subverts the Law for Conservative Causes. En in 2006 was er al deze mooie analyse door insider John Dean, ooit adviseur van President Nixon: Conservatives Without Conscience.
Wat we nu meemaken, een extreem-rechtse partij aan de macht, is natuurlijk allereerst een pijnlijk, maar daarnaast ook een fascinerend verschijnsel. Want hoe zet je je rabiate ideologie om in beleid? Hoe verkoop je je anti-overheidsideologie, die de overheid alleen maar als probleem ziet in plaats van als ook een bron van oplossingen? Hoe breng je aan de man dat je niet wilt dat de rijken meebetalen aan de armen en niet wilt dat de gezonden meebetalen aan de zieken? Dat je een maatschappij wilt waarin alles draait om competitie? En waarin de winnaars niet worden lastig gevallen?
Het fascinerende aan wat we nu zien gebeuren is dat de Republikeinen zich lijken te schamen voor de werkelijke aard van hun bedoelingen. Want alleen zo kun je verklaren dat ze onwaarheden verspreiden, ja, zeg maar, liegen, over wat de werkelijke effecten zijn van hun voorstellen.
Zoals over hun pogingen om Obamacare van tafel te vegen en zogenaamd te vervangen door "iets beters". Zie vandaag Paul Krugman daarover: Cruelty, Incompetence and Lies.
Hun weerzin tegen het hele idee van een collectieve ziektekostenverzekering is groot. Als iemand ziek wordt en de rekeningen niet kan betalen, jammer dan. Waarom zou een gezond en rijk iemand daaraan moeten meebetalen?
Maar zelfs bij zulke extremisten is er kennelijk nog iets aanwezig van die gemeenschapsintuïties, dat maakt dat ze niet openlijk voor die weerzin durven uit te komen. Er is, gelukkig!, nog iets van schaamte aanwezig. Vandaar dat liegen.
Het linkse politieke denken sluit meer aan bij de gemeenschapsintuïties en het rechtse politieke denken meer bij de intuïties van de statuscompetitie en de statushiërarchie. Zie voor meer over dit onderscheid hier Jonathan Haidt (Morele intuïties in het persoonlijke en onpersoonlijke domein) en hier George Lakoff (George Lakoff over morele intuïties in de politiek en over Trump. En over de Dual-Mode theorie).
Die ambivalentie houdt in dat we individueel en met zijn allen vrij gemakkelijk heen en weer schuiven tussen een meer linkse of een meer rechtse positie in het politieke spectrum. Want over het publieke domein zijn we altijd veel slechter geïnformeerd dan over het persoonlijke domein, het domein van de contacten met familie en vrienden.
Daardoor kunnen kleine veranderingen in de informatie die we toegediend krijgen, grote veranderingen in ons denken tot gevolg hebben. Nog afgezien van het fake-nieuws waaraan we bloot kunnen staan. Bovendien maakt onzekerheid ons sterk sociaal beïnvloedbaar. Als we het niet zo goed weten, laten we ons meer leiden door informatie over wat anderen denken en doen.
Zo kan het gebeuren dat je in een tijd leefde waarin iedereen zich afvroeg: "Ben ik wel links genoeg?" Maar ook kun je een tijd meemaken, zoals nu, dat iedereen zich zorgen maakt of hij wel rechts genoeg is.
Die verschuiving naar rechts en zelfs naar rechts-extremisme speelt zich zowel in Europa als in de Verenigde Staten af. En is in de Verenigde Staten sterk verbonden met wat er nu al decennia met de Republikeinse partij aan de hand is.
Die Grand Old Party (GOP) heeft zich uit het politieke midden verwijderd, is steeds extremere rechtse posities gaan innemen en is nu, met Donald Trump als president, aan de macht.
Die ruk naar rechts van wat ooit een middenpartij was, werd al in 2004 gedetailleerd beschreven door Charles Tiefer in Veering Right. How the Bush Administration Subverts the Law for Conservative Causes. En in 2006 was er al deze mooie analyse door insider John Dean, ooit adviseur van President Nixon: Conservatives Without Conscience.
Wat we nu meemaken, een extreem-rechtse partij aan de macht, is natuurlijk allereerst een pijnlijk, maar daarnaast ook een fascinerend verschijnsel. Want hoe zet je je rabiate ideologie om in beleid? Hoe verkoop je je anti-overheidsideologie, die de overheid alleen maar als probleem ziet in plaats van als ook een bron van oplossingen? Hoe breng je aan de man dat je niet wilt dat de rijken meebetalen aan de armen en niet wilt dat de gezonden meebetalen aan de zieken? Dat je een maatschappij wilt waarin alles draait om competitie? En waarin de winnaars niet worden lastig gevallen?
Het fascinerende aan wat we nu zien gebeuren is dat de Republikeinen zich lijken te schamen voor de werkelijke aard van hun bedoelingen. Want alleen zo kun je verklaren dat ze onwaarheden verspreiden, ja, zeg maar, liegen, over wat de werkelijke effecten zijn van hun voorstellen.
Zoals over hun pogingen om Obamacare van tafel te vegen en zogenaamd te vervangen door "iets beters". Zie vandaag Paul Krugman daarover: Cruelty, Incompetence and Lies.
Hun weerzin tegen het hele idee van een collectieve ziektekostenverzekering is groot. Als iemand ziek wordt en de rekeningen niet kan betalen, jammer dan. Waarom zou een gezond en rijk iemand daaraan moeten meebetalen?
Maar zelfs bij zulke extremisten is er kennelijk nog iets aanwezig van die gemeenschapsintuïties, dat maakt dat ze niet openlijk voor die weerzin durven uit te komen. Er is, gelukkig!, nog iets van schaamte aanwezig. Vandaar dat liegen.
Abonneren op:
Posts (Atom)