maandag 8 oktober 2012

Als je maar denkt dat je geweldig bent, dan ga je je zo gedragen dat anderen ook denken dat je geweldig bent

Is zelfoverschatting (overconfidence) een goed wapen in de statuscompetitie? En is het in de strijd brengen van dat wapen uiteindelijk wel goed voor je? Of levert het zoveel stress op dat je er maar beter van af kunt zien?

In het vorige bericht dat aan deze vragen was gewijd, vermeldde ik hoe zelfoverschatting precies gemeten was in het onderzoek waaruit bleek dat het inderdaad behulpzaam is in de statuscompetitie. De meest voor de hand liggende meting was dat je mensen hun prestaties laat inschatten in vergelijking met de prestaties van anderen. De mate waarin je je eigen prestaties ten onrechte hoger inschat dan die van anderen, is dan de mate van zelfoverschatting. Stel dat je denkt dat je bij de beste 10 procent hoort, terwijl je in werkelijkheid minder dan het gemiddelde scoorde, dan overschat je je zelf in hoge mate,

De tweede van de drie metingen bestond er uit dat je van een lijst met items als beroemde namen, gebeurtenissen en kledingmerken moest aangeven welke je kende en welke niet. Hoe meer je aangeeft dat je de "valse", niet echt bestaande, items toch kent, hoe hoger jouw zelfoverschatting.

En in de derde meting hield in dat mensen een overdreven positieve uitslag kregen van hun prestaties.

Nu kun je je afvragen of hier nu wel drie keer hetzelfde wordt gemeten. Maar daar gaat het nu niet om en het gaat er ook niet om wat de beste meting is. Want hoe dan ook, in alle drie de gevallen werden de mensen die zichzelf overschatten, op grond van hun gedrag door anderen als competenter beoordeeld. Ook kregen ze een hogere status toegewezen, in de zin dat ze meer werden gezien als personen die respect en bewondering verdienen en die meer aan de besluitvorming hadden bijgedragen.

Mensen die dus hun eigen prestaties of hun eigen kennis overschatten, ook als ze dat doen op basis van verkeerde informatie, zijn succesvoller in de statuscompetitie. Ze weten meer indruk te maken op anderen. Dat is curieus. Want terwijl je bij die eerste twee vormen van zelfoverschatting nog kunt denken aan een achterliggend persoonlijkheidskenmerk, zoiets als narcisme, dat met gedrag samenhangt dat status afdwingt, kan er bij die derde vorm geen sprake zijn van een achterliggende persoonlijkheid. Je wordt alleen maar in de waan gebracht dat je geweldig gepresteerd hebt. En dat brengt ook dat status afdwingende gedrag teweeg. Als je maar denkt dat je geweldig bent, dan ga je je zo gedragen dat anderen ook denken dat je geweldig bent. Hm.

Maar of dat uiteindelijk goed voor je is?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen