dinsdag 25 juni 2013

Moet Nederland de eigen economie schaden om de euro in stand te houden? Hoe lang duurt het nog voor de sociaal-democratie bij zinnen komt?

Arie Glebbeek reageert als volgt op het bericht Wouter Bos vindt doorgaan met fout beleid verstandig (zie ook opmerking bij het bericht):
Met de hem kenmerkende eerlijkheid zegt Wouter Bos wat zijn partijgenoten niet hardop durven zeggen: het bezuinigingsbeleid heeft een louter politiek motief. Preciezer gezegd: het is ons offer op het altaar van de euro. Hoe kan het ook anders? Om binnen de euro te blijven, hebben de zuidelijke landen geen andere route dan interne devaluatie. Dat harde afbraakbeleid waarin de regeringen voorop moeten gaan, kan intern alleen worden afgedwongen via de schijnbaar externe regels van het Europese begrotingspact. Om die regels geloofwaardig te houden, moeten alle lidstaten zich eraan houden. Ook wanneer dat, zoals nu in Nederland, de eigen economie en arbeidsmarkt schaadt. Maar voor de Partij van de Arbeid (en voor D66 en GroenLinks) is Europa het hoogste doel en voor die politieke prioriteit moet alles wijken.
Oké, maar toch is er meer aan de hand. Want dat bezuinigingsbeleid wordt natuurlijk ook gemotiveerd door de ideologie van de kleinere overheid. De crisis is in het neo-liberale denken een mooie kans om die versmade overheid een kopje kleiner te maken. (Ja, het is versmade, niet versmaadde.) Ik moest ze even opzoeken, maar hier zijn de berichten met de link naar een speech waarin Mark Rutte dat met zoveel woorden zegt: Republikeinen daar en de VVD hier: de ideologie van de kleine overheid en  De verborgen agenda van het bezuinigingsbeleid (hoewel verborgen). Die dateren al weer van anderhalf half jaar terug! Niets opgeschoten.

Maar als je daar nog even verder bij stilstaat, dan besef je dat dat hele Europese project ergens in zijn geschiedenis gekaapt is door precies die neo-liberale ideologie. De Europese leiders zijn in staat geweest de aandacht af te leiden van die onverantwoorde geldstromen van Duitse (en Nederlandse) banken naar de zuidelijke periferie van de eurozone. Zodat ze toen die zeepbellen barstten, die overheden daar de schuld van konden geven. Die waren immers in de problemen geraakt doordat ze veel te veel geld hadden uitgegeven en veel te royaal voor de eigen burgers waren geweest. Wat niet klopte met de feiten, afgezien van Griekenland. Maar het paste zo mooi in het straatje van de ideologie van de kleine overheid.

En dat Europese Stabiliteitspact, dat begrotingstekorten hoger dan 3 procent verbiedt, is duidelijk neo-liberaal in die zin dat de overheid maar zeer beperkt een macro-economisch beleid mag voeren. De markt moet zijn werk doen en een recessie is reinigend. De overheid kan dat proces alleen maar verstoren. Massawerkloosheid? Niets aan doen, is onderdeel van die reiniging. Een ingebouwde schuldenrem, die de overheid machteloos maakt, juist in tijden waarin we hem nodig hebben. "Wat een dwaas iets om te doen", verzuchtte James Galbraith eind vorig jaar (zie James Galbraith: Doen we het samen of is het ieder voor zich?)

Blijven we met de vraag zitten hoe het heeft kunnen gebeuren dat de Europese sociaal-democratie zich bij deze neo-liberale dominantie heeft kunnen neerleggen. En hoe lang het nog duurt voor ze bij zinnen komen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen