Trouw schrijft dat ouderenmishandeling toeneemt doordat mantelzorgers steeds vaker overbelast raken. Zie de link onderaan. En lees ook eens de vele reacties op dat bericht.
Ouderenombudsman Jan Romme zegt dat iedereen ontzettend zijn best doet, maar dat de regering op de "jonge ouderen" een steeds groter beroep doet. Die moeten niet alleen voor hun kleinkinderen zorgen, omdat de kinderopvang onbetaalbaar is geworden, maar ook hun oude vader of moeder verzorgen, terwijl de dagopvang voor ouderen wordt afgebouwd. En ze moeten langer doorwerken en vrijwilligerswerk doen. Overbelaste mantelzorgers hebben last van slapeloosheid, tobben veel en hebben geen tijd meer voor werk of sociale activiteiten. Dat kan door onmacht en wanhoop leiden tot verwaarlozing en mishandeling.
Stress dus. Die eruit voortkomt dat wij een sterke zorgimpuls hebben, terwijl wij die zorg in onze huidige maatschappelijke omstandigheden en sociale omgeving nauwelijks nog met anderen kunnen delen. Anderen hebben om voor te zorgen ervaren we als een verrijking van het leven, behalve als we er helemaal alleen voor staan. En de kans daarop wordt bij kleinere en sociaal geïsoleerde gezinnen steeds groter. Dat is de tragiek van de vervreemding: De vervreemding van de overbelaste mantelzorger.
Mantelzorgers mishandelen uit stress - Gezondheid - TROUW:
'via Blog this'
Over een nieuw sociaalwetenschappelijk zicht op mens en maatschappij. En over de lange weg daarnaartoe.
zaterdag 13 juli 2013
vrijdag 12 juli 2013
NRCnext checkt "Werklozen blijvend beschadigd" - Conclusie: dat klopt inderdaad
NRCnext checkte gisteren de bewering van Peter van der Meer in de Volkskrant dat werkloosheid ongelukkiger maakt en dat het eenmaal werkloos zijn geweest leidt tot blijvende schade. Ik maakte melding van het artikel van Peter van der Meer in het vorige bericht. Er is geen link naar het NRCnext artikel zelf, maar wel naar dit artikel in NRC/Handelsblad dat daar over bericht.
Het was niet zo moeilijk om de waarheid te checken, omdat het overzichtsartikel "Verhoogt werk ons welzijn" (Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken, 2011) van Rudi Wielers, Peter van der Meer en de schrijver van dit blog daar voor beschikbaar was. In dat artikel geven we een overzicht van het onderzoek naar de welzijnseffecten van het hebben van werk of werkloos zijn en van werken als tijdsbesteding vergeleken met andere bezigheden. Dat onderzoek laat zien dat werkloosheid tot een aanzienlijke welzijnsachteruitgang leidt, die blijft bestaan ook als daarna weer werk wordt gevonden. Het laat een litteken na en heeft negatieve gevolgen voor de kinderen van werklozen. Zie ook Are European leaders aware of the miseries of mass unemployment?
Dit was de conclusie van Geertje Tuenter, die voor NRCnext de check uitvoerde:
Het was niet zo moeilijk om de waarheid te checken, omdat het overzichtsartikel "Verhoogt werk ons welzijn" (Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken, 2011) van Rudi Wielers, Peter van der Meer en de schrijver van dit blog daar voor beschikbaar was. In dat artikel geven we een overzicht van het onderzoek naar de welzijnseffecten van het hebben van werk of werkloos zijn en van werken als tijdsbesteding vergeleken met andere bezigheden. Dat onderzoek laat zien dat werkloosheid tot een aanzienlijke welzijnsachteruitgang leidt, die blijft bestaan ook als daarna weer werk wordt gevonden. Het laat een litteken na en heeft negatieve gevolgen voor de kinderen van werklozen. Zie ook Are European leaders aware of the miseries of mass unemployment?
Dit was de conclusie van Geertje Tuenter, die voor NRCnext de check uitvoerde:
In de Volkskrant schrijft econoom Peter van der Meer dat langdurig werklozen ongelukkiger zijn dan werkenden. Dat klopt inderdaad, ook voor mensen die korter werkloos zijn, mits het gaat om mensen die onvrijwillig thuiszitten. Het rapportcijfer dat werklozen aan hun eigen leven geven op een schaal van 1 tot 10, is gemiddeld twee punten lager dan bij mensen met een baan. Daarnaast beschrijft Van der Meer dat langdurig werklozen beschadigd raken. Wetenschappelijk onderzoek onderschrijft dat. Gemiddeld gezien komen werklozen na het vinden van een baan niet meer op hetzelfde welzijnsniveau als voorheen. De stelling is dus waar.Dat was niet zo verrassend. Ik was eerlijk gezegd wel wat verbaasd dat NRCnext de stelling van Peter van der Meer toch nog zo controversieel leek te vinden dat ze een check op het waarheidsgehalte nodig en interessant vonden. Dat bevestigt het angstige vermoeden dat de kwalijke gevolgen van werkloosheid niet genoeg onder de aandacht komen. En maakt het begrijpelijker dat politici denken dat ze hun gang kunnen gaan bij het overboord gooien van die eens zo belangrijke doelstelling van volledige werkgelegenheid. Ze zijn daarmee op de verkeerde weg. En misschien helpt deze check van NRCnext ook weer een beetje om hen dat te laten inzien.
maandag 8 juli 2013
Overheid, doe eens wat aan de werkloosheid - Peter van der Meer in De Volkskrant
Overheid, doe eens wat aan de werkloosheid. Onder die titel herinnert Peter van der Meer er vandaag in De Volkskrant aan dat de overheid ooit haar best deed
volledige werkgelegenheid na te streven, naast een stabiel prijspeil, evenwicht op de betalingsbalans, een bevredigend percentage van (selectieve) economische groei en een redelijke inkomensverdeling. Geen van deze doelstellingen lijkt meer in de belangstelling te staan
Het enige doel is nog begrotingsevenwicht, waarvan we weten dat dit juist geen doel op zich zou moeten zijn. Momenteel zitten we in een situatie van onderbesteding, dat zien we aan de werkloosheid en onbenutte kapitaalgoederen, zie de bouw.
Het zijn werkgevers die niet investeren en consumenten die niet consumeren, bang als ze zijn hun kapitaal als appeltje voor de dorst nodig te hebben. In zo'n situatie zou het juist de overheid moeten zijn die de economie weer aanjaagt. Zij moet als vliegwiel fungeren en niet op de rem trappen. Op die manier bestrijd je de werkloosheid, volksvijand nummer één, het best.
Het huidige beleid heeft tot gevolg dat de economie blijft steken op een niveau met veel te hoge werkloosheid. (...)
Waar blijven de politici die het opnemen voor de werklozen?Laten we Peter van der Meer maar in een adem noemen met Paul Krugman. Want die vraagt zich vandaag in The New York Times ook af waar die politici blijven. Wordt die dramatische terugval in publieke kennis nog eens gerepareerd? Je kunt nog zo intelligent zijn als Diederik Samsom schijnt te zijn, maar als je niet goed bent geïnformeerd, dan schiet dat niet op.
donderdag 4 juli 2013
Zomerse onderbreking
Dit blog houdt een zomerse onderbreking. Met minder en onregelmatig geplaatste berichten.
Wegens vakantie en bezigheden buitenshuis.
Zoals op de groentetuin.
Wegens vakantie en bezigheden buitenshuis.
Zoals op de groentetuin.
Peter Bofinger pleit voor paradigma-verandering in beleid eurozone. En ziet Merkel daartoe in staat | Re-Define
Sony Kapoor interviewt Peter Bofinger, een van de "vijf wijze mannen" die de Duitse regering op economisch gebied adviseren. Zie de link onderaan. Van hem is bekend dat hij het bezuinigingsbeleid als oplossing voor de crisis niet ziet zitten. Zoals hij ook in dit interview zegt, heeft dat beleid de problemen alleen maar erger gemaakt. Hij wijst er dan ook op dat Duitsland ook zelf nu de kwalijke gevolgen er van gaat ondervinden.
Dat is belangrijk, omdat de Duitse bevolking tot nu toe alleen van de crisis wist omdat het daar op de televisie over ging. Zal het beleid nu veranderen als ook de Duitsers de crisis gaan ondervinden? Interessant is dat hij denkt dat Angela Merkel kennelijk toch zo flexibel is dat ze dan het roer om zal gooien.
Laten we het hopen. Het wordt de hoogste tijd. Lezen dat interview!
Eurocrisis Conversation with Peter Bofinger | Re-Define:
'via Blog this'
Dat is belangrijk, omdat de Duitse bevolking tot nu toe alleen van de crisis wist omdat het daar op de televisie over ging. Zal het beleid nu veranderen als ook de Duitsers de crisis gaan ondervinden? Interessant is dat hij denkt dat Angela Merkel kennelijk toch zo flexibel is dat ze dan het roer om zal gooien.
Laten we het hopen. Het wordt de hoogste tijd. Lezen dat interview!
Eurocrisis Conversation with Peter Bofinger | Re-Define:
'via Blog this'
zondag 30 juni 2013
Muziek voor de zondagochtend - Smetana, Quartet No.1 "From My Life" - 4. Vivace
Maarten 't Hart verdiepte zich in Een dienstreis naar Göteborg, dat zo fraai begint met de zin "Met echte schrijvers op stap, wie zou dat niet willen?", in de Tsjechische componist Bedrich Smetana, die een groot deel van zijn leven in Göteborg doorbracht. Hij probeert daar sporen van dat verblijf terug te vinden, maar dat blijft bij een vrij hopeloze zoektocht. In zijn eentje, want andere schrijvers blijken niet geïnteresseerd, wat hem vooral van Anna Enquist erg tegenvalt.
't Hart is vooral verzot op de negen opera's van Smetana. Maar ook de twee strijkkwartetten vindt hij magnifiek. Ik word altijd enthousiast van Maartens muzikale aanprijzingen, als daar zijn: kostelijk, hartverwarmend, adembenemend, onvergankelijk. tot tranen toe roerend, verrukkelijk, en zo gaat dat door. Je wilt dan meteen de cd's uit de kast halen. Of zoals hier luisteren en kijken naar het geweldige (!) Jerusalem Kwartet, dat het laatste deel speelt van het eerste strijkkwartet.
vrijdag 28 juni 2013
Ouderschapsonderwijs als ijzeren consequentie van de mythe van de opvoedbaarheid
Jan Willems, onderzoeker structurele preventie van kindermishandeling aan de Universiteit van Maastricht, volgt de ijzeren logica van de mythe van de opvoedbaarheid. Zie de link onderaan.
Hij heeft gelijk dat er redenen zijn voor grote zorg. Jaarlijks heeft circa tien procent van de kinderen in Nederland (dat is ruim driehonderdduizend) te maken met verwaarlozing, seksueel misbruik of fysiek en emotioneel geweld binnen het gezin. Daarom stelt hij ouderschapsonderwijs voor. Want er zou een fundamenteel recht van kinderen moeten zijn op veilige gehechtheid. Een op de drie kinderen is niet veilig gehecht. Daarom moeten we ouders leren en in staat stellen om sensitieve opvoeders te zijn. Door cursussen voor ouders en een minimumstandaard voor competent ouderschap.
De bedoelingen zijn natuurlijk goed. Maar Willems gaat er helemaal van uit dat goed opgevoed worden door de ouders voldoende en precies goed is voor de ontwikkeling van veilige gehechtheid en voor een gunstige sociale en morele ontwikkeling. En dat is een toestand die in de loop van de mensheidsgeschiedenis nooit heeft bestaan. Aan ouders is deze opvoedingstaak nooit toebedeeld. Altijd was er de gemeenschapskring van grootouders, familie, vrienden en buren, waarin kinderen veilig konden opgroeien en zich ontwikkelen. Nu die er veel minder is, kunnen we niet zomaar verwachten dat ouders in hun eentje daarvoor een vervanging zijn.
Ook niet als we ze verplichten tot ouderschapscursussen. Of als we, in de woorden van Willems, "een professioneel zorgcontinuüm" garanderen. Want, zoals hij zelf ook inziet, ontbreekt het de beroepsgroepen en de beroepskrachten aan de kennis en vaardigheden die nodig zijn om (aanstaande) ouders en kinderen effectief bij te staan. Er nog van afgezien dat die kennis en vaardigheden inherent beperkt en onvolkomen zijn.
We moeten dus gaan inzien dat we de schadelijke gevolgen van het sociale isolement van gezinnen niet kunnen bestrijden met ouderschapscursussen en professionele hulpverlening. Dat gewone sociale netwerk van stabiele en vertrouwde relaties rondom het gezin is niet te vervangen door kennisoverdracht en professionals. Er zijn problemen waarvoor "deskundigheid" geen oplossing is. Denk aan de Overheidsonmacht in de jeugdzorg. Een pleidooi voor omwegbeleid.
Maastrichtse onderzoeker pleit voor ouderschapsonderwijs - Maastricht - dichtbij.nl - Maastricht:
'via Blog this'
Hij heeft gelijk dat er redenen zijn voor grote zorg. Jaarlijks heeft circa tien procent van de kinderen in Nederland (dat is ruim driehonderdduizend) te maken met verwaarlozing, seksueel misbruik of fysiek en emotioneel geweld binnen het gezin. Daarom stelt hij ouderschapsonderwijs voor. Want er zou een fundamenteel recht van kinderen moeten zijn op veilige gehechtheid. Een op de drie kinderen is niet veilig gehecht. Daarom moeten we ouders leren en in staat stellen om sensitieve opvoeders te zijn. Door cursussen voor ouders en een minimumstandaard voor competent ouderschap.
De bedoelingen zijn natuurlijk goed. Maar Willems gaat er helemaal van uit dat goed opgevoed worden door de ouders voldoende en precies goed is voor de ontwikkeling van veilige gehechtheid en voor een gunstige sociale en morele ontwikkeling. En dat is een toestand die in de loop van de mensheidsgeschiedenis nooit heeft bestaan. Aan ouders is deze opvoedingstaak nooit toebedeeld. Altijd was er de gemeenschapskring van grootouders, familie, vrienden en buren, waarin kinderen veilig konden opgroeien en zich ontwikkelen. Nu die er veel minder is, kunnen we niet zomaar verwachten dat ouders in hun eentje daarvoor een vervanging zijn.
Ook niet als we ze verplichten tot ouderschapscursussen. Of als we, in de woorden van Willems, "een professioneel zorgcontinuüm" garanderen. Want, zoals hij zelf ook inziet, ontbreekt het de beroepsgroepen en de beroepskrachten aan de kennis en vaardigheden die nodig zijn om (aanstaande) ouders en kinderen effectief bij te staan. Er nog van afgezien dat die kennis en vaardigheden inherent beperkt en onvolkomen zijn.
We moeten dus gaan inzien dat we de schadelijke gevolgen van het sociale isolement van gezinnen niet kunnen bestrijden met ouderschapscursussen en professionele hulpverlening. Dat gewone sociale netwerk van stabiele en vertrouwde relaties rondom het gezin is niet te vervangen door kennisoverdracht en professionals. Er zijn problemen waarvoor "deskundigheid" geen oplossing is. Denk aan de Overheidsonmacht in de jeugdzorg. Een pleidooi voor omwegbeleid.
Maastrichtse onderzoeker pleit voor ouderschapsonderwijs - Maastricht - dichtbij.nl - Maastricht:
'via Blog this'
donderdag 27 juni 2013
Angst voor vreemden en het sociaal isolement van gezinnen
In de pas verschenen studie The development of stranger fear in infancy and toddlerhood: normative development, individual differences, antecedents, and outcomes (betaalpoort) laten onderzoekers zien wanneer bij peuters en kleuters de bekende angst voor vreemden opkomt en hoe die zich ontwikkelt. We zien verschillende trajecten tot en met het derde jaar. Bij sommige kinderen blijft die angst hoog of neemt hij zelfs toe; bij anderen is er een afname te zien. Bekend is dat een hoog niveau van angst voor vreemden op vroege leeftijd samenhangt met de kans op extreme verlegenheid en angststoornissen op latere leeftijd.
Waarom die angst voor vreemden? Je zou kunnen denken dat die angst nuttig is en dat er daardoor in het verleden op is geselecteerd. Hij zou onderdeel kunnen zijn van het hechtingsproces, dus de neiging om zich te hechten aan de verzorger(s) die voor het kind een veilige basis verschaffen en om bij hen in de buurt te blijven. Niets aan de hand dus. Maar er is blijkbaar een risicofactor: hoe groter die vroege angst voor vreemden, hoe meer kans op latere extreme verlegenheid en angststoornis.
Waar zou de mate van angst voor vreemden van afhangen? Dat onderzoek hierboven genoemd wijst uit dat er een erfelijke factor in het spel is. Maar ook een omgevingsfactor, namelijk het gedrag van de moeder. Als kinderen een moeder meemaken die zelf moeite heeft met omgang met vreemden, dan is de kans op angst voor vreemden groter. Het kan zijn dat beide factoren er aan meehelpen dat angst voor vreemden zo veel voorkomt en in stand blijft.
Je zou denken dat het veel uitmaakt of een gezin meer of minder sociaal geïsoleerd is. Als baby's en peuters alleen maar heel veel tijd doorbrengen in die schoot van het gezinnetje, in plaats van al vroeg met veel anderen, buren, familie en vrienden, in aanraking te komen, dan zou jeminder meer angst voor vreemden verwachten. Maar in het onderzoek dat ik ken, is daar geen aandacht aan besteed. Waarschijnlijk te moeilijk om te meten.
Zou het dan zo zijn dat kinderen die opgroeien in jagers-verzamelaarssamenlevingen, in de Paleo Sociale Omgeving, waar kinderen coöperatief worden grootgebracht, geen angst voor vreemden ontwikkelen? Ik sloeg even Mothers and Others. The Evolutionary Origins of Mutual Understanding van Sarah Blaffer Hrdy op en las (p. 133-134):
Dat suggereert dat we die angst voor vreemden, en dus die grotere kans op verlegenheid en angststoornissen, de wereld uit zouden kunnen helpen als we er in zouden slagen om het sociale isolement van gezinnen terug te dringen.
Waarom die angst voor vreemden? Je zou kunnen denken dat die angst nuttig is en dat er daardoor in het verleden op is geselecteerd. Hij zou onderdeel kunnen zijn van het hechtingsproces, dus de neiging om zich te hechten aan de verzorger(s) die voor het kind een veilige basis verschaffen en om bij hen in de buurt te blijven. Niets aan de hand dus. Maar er is blijkbaar een risicofactor: hoe groter die vroege angst voor vreemden, hoe meer kans op latere extreme verlegenheid en angststoornis.
Waar zou de mate van angst voor vreemden van afhangen? Dat onderzoek hierboven genoemd wijst uit dat er een erfelijke factor in het spel is. Maar ook een omgevingsfactor, namelijk het gedrag van de moeder. Als kinderen een moeder meemaken die zelf moeite heeft met omgang met vreemden, dan is de kans op angst voor vreemden groter. Het kan zijn dat beide factoren er aan meehelpen dat angst voor vreemden zo veel voorkomt en in stand blijft.
Je zou denken dat het veel uitmaakt of een gezin meer of minder sociaal geïsoleerd is. Als baby's en peuters alleen maar heel veel tijd doorbrengen in die schoot van het gezinnetje, in plaats van al vroeg met veel anderen, buren, familie en vrienden, in aanraking te komen, dan zou je
Zou het dan zo zijn dat kinderen die opgroeien in jagers-verzamelaarssamenlevingen, in de Paleo Sociale Omgeving, waar kinderen coöperatief worden grootgebracht, geen angst voor vreemden ontwikkelen? Ik sloeg even Mothers and Others. The Evolutionary Origins of Mutual Understanding van Sarah Blaffer Hrdy op en las (p. 133-134):
What is striking about the worldview of foragers (among people as widely dispersed as the Mbuti of Central Africa, Nayaka foragers of South India, the Batek of Malaysia, Australian Aborigins, and the North-American Cree) is that they tend to share a view of their physical environment as a "giving" place occupied by others who are also liable to be well-disposed and generous. They view their physical world as being in line with benevolent social relationships. (...)
Confidence about one's place in the world does not mean life is necessarily easy (...) Yet by definition, individuals who did survive would have done so surrounded by others who cared for and shared with them. This endowed them with a personal confidence notably different from that of many modern people who grow up in environments with more available resources but less caring. People with French and German agricultural ancestors like my own are more likely to have been reared to beware of strangers. Many of us were put to bed with folktales about the world "outside over there", a scary place peopled by impoverished widows, cruel stepmothers, hungry orphanes, and unwanted children who lived surrounded by a dangerous forest where malign creatures - wolves and witches - lurked. To an Mbuti child, the forest is not so much dangerous as nurturing - it is an benignly encompassing mother-figure. Such a child is taught to be at least intially (until encountering information to the contrary) curious rather than fearful of outsiders.Waarna een bespreking volgt van het onderzoek van Barry Hewlett, Michael Lamb en anderen (pdf), dat laat zien dat inderdaad kinderen van jagers-verzamelaars meer aanvankelijk vertrouwen hebben in anderen en minder last hebben van angst voor vreemden.
Dat suggereert dat we die angst voor vreemden, en dus die grotere kans op verlegenheid en angststoornissen, de wereld uit zouden kunnen helpen als we er in zouden slagen om het sociale isolement van gezinnen terug te dringen.
dinsdag 25 juni 2013
Diederik Samsom nog niet bij zinnen
Dit is een vervolg op het vorige bericht.
Dat Diederik Samsom vandaag de private sector oproept om meer te besteden, wijst er op dat hij nog niet bij zinnen is. Voor het stimuleren van de economie in een tijd waarin particulieren massaal hebben besloten om hun schulden terug te brengen, daar hebben we nu juist de overheid voor nodig.
Het in stand houden van de totale bestedingen is nodig omdat de economie van een land nu eenmaal een kringloop is. Maar burgers bevinden zich met zijn allen in het publieke goed-dilemma van de paradox of thrift: iedereen zou er van profiteren als anderen meer zouden gaan besteden, maar voor iedereen is het individueel beter om dat niet te doen. Dat leidt zonder overheidsingrijpen tot een slecht evenwicht: doorgaande recessie.
Het dan stimuleren van de economie is een van die cruciale overheidstaken waar juist de sociaal-democratie in het verleden voor opkwam.
Dat Diederik Samsom vandaag de private sector oproept om meer te besteden, wijst er op dat hij nog niet bij zinnen is. Voor het stimuleren van de economie in een tijd waarin particulieren massaal hebben besloten om hun schulden terug te brengen, daar hebben we nu juist de overheid voor nodig.
Het in stand houden van de totale bestedingen is nodig omdat de economie van een land nu eenmaal een kringloop is. Maar burgers bevinden zich met zijn allen in het publieke goed-dilemma van de paradox of thrift: iedereen zou er van profiteren als anderen meer zouden gaan besteden, maar voor iedereen is het individueel beter om dat niet te doen. Dat leidt zonder overheidsingrijpen tot een slecht evenwicht: doorgaande recessie.
Het dan stimuleren van de economie is een van die cruciale overheidstaken waar juist de sociaal-democratie in het verleden voor opkwam.
Moet Nederland de eigen economie schaden om de euro in stand te houden? Hoe lang duurt het nog voor de sociaal-democratie bij zinnen komt?
Arie Glebbeek reageert als volgt op het bericht Wouter Bos vindt doorgaan met fout beleid verstandig (zie ook opmerking bij het bericht):
Maar als je daar nog even verder bij stilstaat, dan besef je dat dat hele Europese project ergens in zijn geschiedenis gekaapt is door precies die neo-liberale ideologie. De Europese leiders zijn in staat geweest de aandacht af te leiden van die onverantwoorde geldstromen van Duitse (en Nederlandse) banken naar de zuidelijke periferie van de eurozone. Zodat ze toen die zeepbellen barstten, die overheden daar de schuld van konden geven. Die waren immers in de problemen geraakt doordat ze veel te veel geld hadden uitgegeven en veel te royaal voor de eigen burgers waren geweest. Wat niet klopte met de feiten, afgezien van Griekenland. Maar het paste zo mooi in het straatje van de ideologie van de kleine overheid.
En dat Europese Stabiliteitspact, dat begrotingstekorten hoger dan 3 procent verbiedt, is duidelijk neo-liberaal in die zin dat de overheid maar zeer beperkt een macro-economisch beleid mag voeren. De markt moet zijn werk doen en een recessie is reinigend. De overheid kan dat proces alleen maar verstoren. Massawerkloosheid? Niets aan doen, is onderdeel van die reiniging. Een ingebouwde schuldenrem, die de overheid machteloos maakt, juist in tijden waarin we hem nodig hebben. "Wat een dwaas iets om te doen", verzuchtte James Galbraith eind vorig jaar (zie James Galbraith: Doen we het samen of is het ieder voor zich?)
Blijven we met de vraag zitten hoe het heeft kunnen gebeuren dat de Europese sociaal-democratie zich bij deze neo-liberale dominantie heeft kunnen neerleggen. En hoe lang het nog duurt voor ze bij zinnen komen.
Met de hem kenmerkende eerlijkheid zegt Wouter Bos wat zijn partijgenoten niet hardop durven zeggen: het bezuinigingsbeleid heeft een louter politiek motief. Preciezer gezegd: het is ons offer op het altaar van de euro. Hoe kan het ook anders? Om binnen de euro te blijven, hebben de zuidelijke landen geen andere route dan interne devaluatie. Dat harde afbraakbeleid waarin de regeringen voorop moeten gaan, kan intern alleen worden afgedwongen via de schijnbaar externe regels van het Europese begrotingspact. Om die regels geloofwaardig te houden, moeten alle lidstaten zich eraan houden. Ook wanneer dat, zoals nu in Nederland, de eigen economie en arbeidsmarkt schaadt. Maar voor de Partij van de Arbeid (en voor D66 en GroenLinks) is Europa het hoogste doel en voor die politieke prioriteit moet alles wijken.Oké, maar toch is er meer aan de hand. Want dat bezuinigingsbeleid wordt natuurlijk ook gemotiveerd door de ideologie van de kleinere overheid. De crisis is in het neo-liberale denken een mooie kans om die versmade overheid een kopje kleiner te maken. (Ja, het is versmade, niet versmaadde.) Ik moest ze even opzoeken, maar hier zijn de berichten met de link naar een speech waarin Mark Rutte dat met zoveel woorden zegt: Republikeinen daar en de VVD hier: de ideologie van de kleine overheid en De verborgen agenda van het bezuinigingsbeleid (hoewel verborgen). Die dateren al weer van anderhalf half jaar terug! Niets opgeschoten.
Maar als je daar nog even verder bij stilstaat, dan besef je dat dat hele Europese project ergens in zijn geschiedenis gekaapt is door precies die neo-liberale ideologie. De Europese leiders zijn in staat geweest de aandacht af te leiden van die onverantwoorde geldstromen van Duitse (en Nederlandse) banken naar de zuidelijke periferie van de eurozone. Zodat ze toen die zeepbellen barstten, die overheden daar de schuld van konden geven. Die waren immers in de problemen geraakt doordat ze veel te veel geld hadden uitgegeven en veel te royaal voor de eigen burgers waren geweest. Wat niet klopte met de feiten, afgezien van Griekenland. Maar het paste zo mooi in het straatje van de ideologie van de kleine overheid.
En dat Europese Stabiliteitspact, dat begrotingstekorten hoger dan 3 procent verbiedt, is duidelijk neo-liberaal in die zin dat de overheid maar zeer beperkt een macro-economisch beleid mag voeren. De markt moet zijn werk doen en een recessie is reinigend. De overheid kan dat proces alleen maar verstoren. Massawerkloosheid? Niets aan doen, is onderdeel van die reiniging. Een ingebouwde schuldenrem, die de overheid machteloos maakt, juist in tijden waarin we hem nodig hebben. "Wat een dwaas iets om te doen", verzuchtte James Galbraith eind vorig jaar (zie James Galbraith: Doen we het samen of is het ieder voor zich?)
Blijven we met de vraag zitten hoe het heeft kunnen gebeuren dat de Europese sociaal-democratie zich bij deze neo-liberale dominantie heeft kunnen neerleggen. En hoe lang het nog duurt voor ze bij zinnen komen.
Abonneren op:
Posts (Atom)