woensdag 2 november 2011

Wetenschappelijke fraude: een individueel of collectief fenomeen?

Ik kan in dit blog niet vermijden om in te gaan op de fraude die de sociaal-psycholoog Diederik Stapel heeft gepleegd en die hij ook zelf heeft toegegeven. Ik doe dat met terughoudendheid, want ik ken hem van enkele ontmoetingen. Te oppervlakkig om daar veel inzicht aan te ontlenen. En als het minder oppervlakkig was geweest, dan zou ik er voor terugschrikken om het persoonlijke publiek te maken. Dus ik baseer me voor dit bericht geheel op wat de Volkskrant van 1 november over de affaire meldde.

Eerder kenschetste ik pro-sociaal gedrag als altijd een collectieve prestatie. En asociaal gedrag dus als een collectieve misdraging. Mensen hebben nu eenmaal niet een volledig autonoom moreel kompas. En worden dus beïnvloed door wat ze anderen om hen heen zien doen, door wat ze daaruit op maken over wat normaal en geaccepteerd is en over wat dan weliswaar niet door de beugel kan, maar toch eigenlijk ook weer niet een heel ernstig vergrijp is. Door dat sociale proces kunnen verschillende culturen ontstaan, ook culturen met een zekere tolerantie voor misdragingen. Je denkt dan bijvoorbeeld aan de cultuur die kennelijk bestond (bestaat?) in de Nederlandse bouwsector. (Om maar even over de financiële sector te zwijgen.) Bestaat die cultuur ook in de wereld van het sociaalpsychologisch onderzoek?

Ik kan dat zelf niet goed beoordelen. Van de wereld van het sociologisch onderzoek, voorzover ik die ken(de), weet ik dat onderzoekers verplicht zijn om hun databestanden voor collega-onderzoekers toegankelijk te maken. In lijn daarmee bestaat er voor de alfa- en gammawetenschappen het DANS (Data Archiving and Networked Services). En het lijkt mij dat alleen al het bestaan van de eis dat je je data laat archiveren, je attendeert op het belang van controleerbaarheid. En attendeert op de vanzelfsprekendheid dat die data dan ook "echt" moeten zijn. Naar aanleiding van de affaire-Stapel wijst de website van DANS daarom ook nog eens op het belang van die data-archivering.

Nu had ik al wel eens gehoord dat er in de wereld van de sociaal-psychologen niet veel aan data-archivering wordt gedaan. En de Commissie-Levelt, die de affaire onderzoekt, meldt in zijn tussenrapport dat data-archivering niet in Stapels woordenboek stond. Maar hij is daarin waarschijnlijk niet uniek. Levelt meldt dan ook, via de Volkskrant:
"Uiteindelijk heeft de wetenschap laten zien zelfreinigend te zijn, maar dat heeft veel te lang geduurd", zegt Levelt. Hij constateert dat de cultuur onder sociaal-psychologen de fouten van Stapel mogelijk heeft gemaakt. "Die is te zeer gericht op snel scoren met mediagenieke onderwerpen. Bovendien heeft iedereen zijn eigen winkeltje, in plaats van een gezamenlijke verantwoordelijkheid."
 Er zijn dus tenminste twee culturen mogelijk, die van elk het eigen winkeltje en die van de gezamenlijke verantwoordelijkheid. De kunst is dus om die eerste cultuur te vermijden en die tweede te bevorderen. En het blijkt, onder meer uit sociaalpsychologisch onderzoek(!), dat het daarbij helpt om mensen er aan te herinneren in wat voor cultuur ze opereren of geacht worden te opereren. En dan is zo'n eis van data-archivering een goede herinnering. Een soort duwtje of nudge in de goede richting. De Commissie-Levelt beveelt daarom ook aan om die archiveringsregel vast te leggen. En ze beveelt aan om een gedragscode in te voeren, ook een duwtje in de rug.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten