Posts tonen met het label woon-werkafstand. Alle posts tonen
Posts tonen met het label woon-werkafstand. Alle posts tonen

vrijdag 12 januari 2018

Nog een negatief gevolg van grotere scholen: meer stress bij scholieren die langer onderweg zijn

Update. Zie Minder pesten als leerlingen elkaar beter kennen - daarom moeten scholen kleiner en dichter bij huis en Kleinere scholen doen het beter. Doordat ze een betere sociale omgeving bieden voor andere negatieve gevolgen van grotere scholen.
Der Spiegel meldt dat volgens Duits onderzoek scholieren die langer onderweg zijn naar en van school meer gestresst zijn: Schon Schüler sind vom Pendeln gestresst.

De resultaten van dat onderzoek vond ik in de Nieuwsbrief van de Panelstudie Gesundheitsverhalten und Unfallgeschehen imSchulalter. Daaruit blijkt dat inderdaad scholieren statistisch significant meer melding maken van geïrriteerdheid en van concentratieproblemen hoe meer tijd ze kwijt zijn aan pendelen. Ook schatten ze hun gezondheid slechter in.

De onderzoekers wijzen erop dat de pendelende scholieren vroeger moeten opstaan en daardoor minder uren slapen. Dat slaaptekort kan een oorzaak zijn van die grotere stress.

Der Spiegel wijst erop dat dit probleem samenhangt met de toegenomen schoolgrootte in het voortgezet onderwijs. Het aantal scholen is sinds 1990 met 24 procent gedaald. Waardoor uiteraard de reistijd is toegenomen. Te verwachten valt dat in Nederland, waar de gemiddelde schoolgrootte ook is toegenomen, hetzelfde probleem bestaat.

Dat de woon-werk reisduur negatieve gevolgen heeft, wisten we al. Zo vonden Alois Stutzer en Bruno Frey dat werknemers die langer onderweg zijn systematisch een lager welzijn rapporteren: Stress That Doesn't Pay: The Commuting Paradox.

Naast die slaapproblemen kunnen ook effecten van de reisduur op het sociale leven een oorzakelijke rol spelen.

Want we weten al sinds Robert Putnams Bowling Alone uit 2000 dat de dagelijkse uitzwerming samengaat met fragmentatie van het sociale netwerk. Zie Hoeveel mensen zijn hier nu? Dagelijkse uitzwerming van uur tot uur te volgen. Je kent mensen uit je buurt en je kent collega's op het werk, maar die mensen kennen elkaar niet. En dat blijkt ermee samen te gaan dat je minder een sociaal leven hebt: Hoe verder mensen van hun werk wonen, hoe minder ze een sociaal leven hebben - en over hoe dat komt.

Omdat die Duitse onderzoekers de scholieren ook vroegen naar hun eenzaamheidsgevoelens, zou je verwachten dat scholieren die langer onderweg zijn, zich ook meer eenzaam voelen. Maar of dat zo is, daar maken ze geen melding van.

vrijdag 10 maart 2017

Hoeveel mensen zijn hier nu? Dagelijkse uitzwerming van uur tot uur te volgen

Het CBS heeft een animatie gemaakt op basis van anonieme, geaggregeerde gegevens over de locaties per uur van mobiele telefoons. Als je die gegevens afzet tegen de gegevens over hoeveel mensen waar wonen, kun je verdeeld over de dag zien waar meer mensen aanwezig zijn dan er wonen en waar minder. Zie Hoeveel mensen zijn hier nu? en klik daar de animatie aan.

Wat zich dan voor je ogen afspeelt, is het proces van uitzwerming waar ik het in 2003 over had in Geld en 'de rest'. Over de noodzaak van gemeenschapsbeleid. Zie Deel I. De perfectionering van het kapitalisme en de teloorgang van gemeenschap en Deel II. Gemeenschapsachteruitgang en richtlijnen voor gemeenschapsbeleid.

Uitzwerming is het proces van toename van dagelijkse verplaatsingen en verplaatsingsafstanden tussen wonen, werk en andere activiteiten, zoals winkelen, onderhouden van face-to-face sociale contacten en vrijetijdsbestedingen. Die toename is een gevolg van de toename van functiescheiding tussen wonen en werken die na de Tweede Wereldoorlog optrad. Die had allerlei oorzaken, maar hing in ieder geval ook samen met processen van schaalvergroting en ruimtelijke concentratie van bedrijven, openbaar bestuur en voorzieningen.


Daardoor is de economie minder ruimtelijk over het land uitgesmeerd. In het dorp waar ik in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw opgroeide waren nog een zuivelfabriek, een slachterij en een veevoederfabriek. En er was een gemeentehuis en er waren gemeentelijke diensten. Veel dorpsbewoners konden daardoor lopend of op de fiets naar hun werk. Die menging van wonen en werken was bevorderlijk voor het elkaar kennen. Door schaalvergroting van bedrijven en door gemeentelijke herindelingen is daar niets meer van over. (Ik vertel er over op Finster op Fryslân.)


Dat hele proces was in puur economisch opzicht goed te rechtvaardigen. Daarom betitelde ik het ook als "perfectionering van het kapitalisme".

Maar het had sociale nadelen. De eerste die daar op wees was Robert Putnam in zijn geruchtmakende Bowling Alone. The Collapse and Revival of American Community (2000). Hoofdstuk 12 van dat boek is er aan gewijd en heeft als titel Mobility and Sprawl. Uitzwerming is mijn vertaling van dat sprawl.


Het resultaat van zijn analyse van onderzoeksgegevens valt te omschrijven als (ik citeer mezelf uit 2003):

Hoe meer tijd mensen besteden aan woon-werkverplaatsingen, hoe minder contact ze hebben met familie, vrienden en buurtgenoten, én hoe minder ze participeren in politiek, verenigingen en vrijwilligerswerk. Het opvallende daarbij is dat dit laatste niet alleen geldt voor de forenzen zelf, maar ook voor hun buurtgenoten die niet forenzen, bijvoorbeeld omdat ze gepensioneerd zijn. Hoe meer, en hoe langer, jouw buurtgenoten forenzen, hoe minder sociaal en maatschappelijk actief jij bent.
Dit zal er deels aan liggen dat forenzen minder tijd overhouden voor sociale en maatschappelijke activiteiten, en daardoor minder beschikbaar zijn om dat samen met buurtgenoten te doen. Maar voor een ander deel zal het komen doordat de sociale contacten van forenzen meer uit elkaar getrokken zijn. Je kent mensen van je werk en je kent mensen uit je buurt. Maar de kans dat mensen van je werk in jouw buurt wonen, is kleiner hoe verder je van je werk woont. En het is makkelijker om contacten met anderen te maken en te houden, hoe vaker, en in hoe meer hoedanigheden, je die personen tegenkomt. Anders gezegd: uitzwerming betekent fragmentatie van relaties en dat is schadelijk voor gemeenschap.
Afijn, dat proces van uitzwerming kun je dus nu in die animatie van het CBS van uur tot uur volgen. Ik stond daar al bij stil in de berichten Hoe verder mensen van hun werk wonen, hoe minder ze een sociaal leven hebben - en over hoe dat komt en Steeds minder ontmoetingsplekken door schaalvergroting en ruimtelijke concentratie.

Dat er ook nadelen zijn voor het fysieke milieu blijft dan nog buiten beschouwing.

woensdag 23 september 2015

Meer over de sociale voordelen van banenruil

Dit is een vervolg op het bericht Banenruil? Ja, banenruil! En over de sociale voordelen er van.

Dat vervolg is nodig omdat ik verzuimde de link te leggen met het eerdere bericht Hoe verder mensen van hun werk wonen, hoe minder ze een sociaal leven hebben - en over hoe dat komt. Daarin gaat het over een Zweeds onderzoek dat aantoont dat mensen die langer onderweg zijn naar en van hun werk, minder een sociaal leven hebben. Ze participeren minder in verenigingen, komen minder in bioscopen en cafés (wat je meestal met anderen doet) en gaan minder naar familiebijeenkomsten en feestjes bij mensen thuis.

Maar wat ook uit dat onderzoek naar voren kwam, is dat ze minder vertrouwen hebben in andere mensen. Wat overigens klopt met ander onderzoek dat het hebben van meer familie- en vriendencontacten samengaat met meer vertrouwen in andere mensen.

Bovendien liet ik in dat bericht zien dat in Nederland de gemiddelde woon-werkafstand nog steeds toeneemt.Dat wil zeggen, tot 2007-2008, de laatste jaren waarvoor ik cijfers kon vinden.

En tenslotte leg ik daar de link met de achterliggende oorzaak van die toename, die er in gelegen is dat we een economische ontwikkeling hebben doorgemaakt en misschien nog wel doormaken, die sterk berust op schaalvergroting en ruimtelijke scheiding van wonen en werken.

Tja, banenruil is natuurlijk maar een uiterst bescheiden poging om de nadelen daarvan tegen te gaan. Een grondiger aanpak zou er uit bestaan dat we een veel meer gelokaliseerde economie gaan ontwikkelen. Maar hoe dat zou moeten?

dinsdag 22 september 2015

Banenruil? Ja, banenruil! En over de sociale voordelen er van

Dat is leuk! Waar ik in 2003 voor pleitte, te bevorderen dat mensen die dat willen met elkaar van baan ruilen waardoor ze dichter bij hun werk komen te wonen, dat lijkt nu inderdaad te gebeuren.

Het AD berichtte er over. Zie Ik jouw baan, jij de mijne. De Amsterdamse ondernemer Max Boodie kwam op het idee, werkte het uit en ontwikkelde de website Banenruil.nl.

Er zouden al een stuk of dertig ruilen tot stand zijn gekomen. Boodie zoekt een grote partner, zoals Monsterboard, Job Bird of Nationale Vacaturebank.

Het terugbrengen van de woon-werkafstand is niet alleen milieuvriendelijk en een middel om het fileleed te verminderen. Het is ook een bijdrage aan de versterking van lokale gemeenschappen. Want het blijkt dat in buurten waarin mensen verder van hun werk wonen, de bewoners elkaar minder goed kennen en minder contact met elkaar hebben. Dit geldt zowel voor de forenzende als de niet-forenzende bewoners.

Niet alleen kost dat woon-werkverkeer veel tijd, waardoor er minder tijd over is voor sociale contacten. Maar ook leidt het ver uit elkaar liggen van wonen en werken tot het fragmenteren van sociale netwerken. Je kent mensen van je werk. En je kent mensen van je buurt. Maar die mensen kennen elkaar niet. Dat maakt je sociale netwerk minder "dicht" en we weten dat een dicht netwerk, dus een netwerk waarin meer geldt dat iedereen met iedereen verbonden is, gunstig is voor de kans op pro-sociaal gedrag. Zie Nog eens: waarom "een dorp" nodig is, met een verwijzing naar dit onderzoek: Altruism in networks: the effect of connections.

Zoals gezegd, ik pleitte voor banenruil al in 2003, in Geld en ‘de rest’ : Over uitzwerming, teloorgang van gemeenschap en de noodzaak van gemeenschapsbeleid. Daarin werkte ik "Richtlijnen voor gemeenschapsbeleid" uit en de derde daarvan luidde:
Richtlijn 3. Dring de woon-werkafstand terug
Laten we eens proberen om het werk naar de mensen te brengen in plaats van de mensen naar het werk. Dat is niet alleen de meest fundamentele manier om de files terug te dringen, het is daarnaast een uiterst belangrijk middel om de lokale gemeenschap te laten bloeien. Dit is eenvoudig gezegd, maar helaas minder gemakkelijk te realiseren. Voor een flink deel gaat het ook hier om beleid dat nogal wat overhoop haalt en pas op langere termijn uitvoerbaar is. Toch lijkt het mogelijk om de ruimtelijke scheiding van woon- en werkgebieden terug te dringen. Maar ook op kortere termijn moet er wel iets gedaan kunnen worden, als we bedenken dat het nu waarschijnlijk veel voorkomt dat iemand in plaats A woont en in plaats B werkt, terwijl iemand anders in plaats B woont en in plaats A werkt. Het zou goed kunnen zijn dat het zo vaak voorkomt dat zulke duo’s bestaan die vergelijkbare banen hebben. Misschien zouden leden van zulke duo’s best van baan willen ruilen. Alleen is er nu niets geregeld waardoor ze van elkaars bestaan op de hoogte worden gebracht. Deze toestand vraagt om een banenruilbeurs. Je kunt je twijfels hebben over hoeveel geslaagde ruilen zo een beurs zal opleveren, maar daar staat tegenover dat het ook weinig hoeft te kosten. Een goede website, en flink wat publiciteit, lijkt genoeg. Werkgevers kunnen natuurlijk dwarsliggers zijn, omdat ze te maken krijgen met hogere inwerkkosten. Maar net zoals er nu een werknemersrecht bestaat op deeltijdwerk, kunnen we ook een (nader omschreven) recht op banenruil invoeren.
En dat laatste wijst op de mogelijkheid om in arbeidsovereenkomsten een recht op banenruil, uiteraard onder allerlei voorwaarden, in te voeren.
Update. Zie nu ook Meer over de sociale voordelen van banenruil.